De Draeckenieren
Main-home.png
http://dedraeckenieren.be/

Categorie:

Genootschap van vereerders van de draak

Periode:

Huidige Caemere: 1936-heden (oorsprong: 1872)

Bestuur:

Luc Moereels (Opperdraeck)

De Aloude Kaiserlycke Souvereine Caemere der Draeckenieren tot Aelst, of kortweg De Draeckenieren, is een broederschap, dat de draak steekt met alles en iedereen. Naar eigen zeggen werden ze opgericht om de dorstige levers te laven, voor het in standhouden van de folklore en verder voor de gewone zwans. Zij brengen jaarlijks hun Gele boekje uit.

Ontstaan[bewerken | brontekst bewerken]

China / Amerika[bewerken | brontekst bewerken]

Chinese Draak in Haikou, Hainan, China (Bron: Wikipedia)

De Draeckenieren zijn oorspronkelijk ontstaan China in 1472 voor Christus. In grotten in Zuid-China werden afbeeldingen en beeldjes van draken gevonden. Er werden in China genootschappen gesticht die de draak vereerden. Deze genootschappen waren oorspronkelijk godsdienstig geïnspireerd, maar evolueerden naar een folkloristisch genootschap. De bijeenkomsten groeiden uit tot de opvoering van volksspelen, waarbij de draak steeds centraal stond.  

Door de ontdekkingsreizigers verspreidden de genootschappen van de draak zich ook buiten China, zoals in Amerika. Voor de ontdekking van Amerika door Colombus, zouden er reeds andere ontdekkingsreizigers voet aan wal gezet hebben op het continent Amerika, waardoor de Drakengenootschappen er verspreid raakten.  

Christopher Colombus (Bron: Our Time Press)

Zo zou Christoffel Colombus bij de ontdekking van Amerika verschillende drakenorganisaties zijn tegengekomen. Deze genootschappen vochten echter niet mee tegen de overheerser, omdat zij enkel interesse hadden in folklore en cultuur. De drakengenootschappen trokken zich terug en verzetten zich op een ludieke manier tegen de Spanjaarden, door o.a. het aanbrengen van teksten op openbare gebouwen en het organiseren van massaspelen, waarbij de draak gestoken werd met de overheerser. Ze waren echter niet opgewassen tegen de veroveraars en moesten uitwijken naar het noorden, waar het latere New York zou ontstaan. In de 14e eeuw vormden ze een machtige gemeenschap: the dragons.  

De Amerikanen voerden handel met de Europeanen en op de schepen waren vaak leden van drakengenootschappen aan boord. In het begin van de 15e eeuw belandde een schip, grotendeels bestaande uit leden van drakengenootschappen, op de Rijn. Door de mist meende de bemanning van het schip een rots in drakenvorm te herkennen. Men wilde dit verder onderzoeken en besloot met een klein vlot naar de rots te trekken. Toen ze naar hun boot wilden terugkeren, waren zowel hun vlot als hun schip verdwenen in de mist. Een tiental achtergebleven manschappen verschuilde zich in de rotsflank, die later Drachenhöhle zou genoemd worden. Volgens een oude Germaanse sage zou Siegfried er de draak gedood hebben en zou de drakengeest er op geregelde tijdstippen te zien zijn.  

Drachenhöhlen in Köningswinter (Bron: deesaster.org)

De gestrande Amerikanen zouden tijdens hun verblijf in de rotsflank deze drakengeest meermaals gezien hebben. Hierop werd een groot drakengenootschap tot leven geroepen, deels uit angst voor de drakengeest en anderzijds om hem te vereren. In de buurt van deze rots ontstonden verschillende drakengenootschappen, die via de verschillende overheersingen ook Nederland binnenkwamen. Eenmaal per jaar trokken de genootschappen naar het Drachenhöhle, om er de draak te gaan groeten. In de loop der jaren verdween het bovennatuurlijke gedachtegoed en bleef enkel het culturele en folkloristische over. [1]  

Aalst[bewerken | brontekst bewerken]

De komst van dit genootschap naar Aalst kent verschillende versies. Een eerste versie, zoals we mochten lezen in De Gazet van Aalst in de jaren '60, gaat over een geheime Chinese sekte die naar Europa, via Nederland naar Aalst kwam. Een tweede versie van de Aalsterse Draeckenieren-geschiedenis werd door Honoré De Staebele in 1981 aan de pers gedebiteerd tijdens de voorstelling van het 14e Gele Boekje; opnieuw kwamen de Draeckenieren via Nederland naar Aalst, maar deze keer via een zekere Draekeman. Nog een ander versie is te lezen op de website van de Aalsterse Draeckenieren, die in 2010 tot stand kwam; hierbij kwamen de Draeckenieren naar Aalst via Filips van Chieti.

De Witte Lotus[bewerken | brontekst bewerken]

Koxinga (http://nl.wikipedia.org/wiki/Koxinga)

In deze versie zijn de Draeckenieren afkomstig van de Witte Lotus. Het genootschap van de draak werd in China opgericht onder de vorm van een geheime sekte, die het godsdienstige, artistieke, culturele en politieke leven beheerste tijdens de Ming-Dynastie (1368-1644). Deze geheime sekte noemde zichzelf de Witte Lotus en had als wapenschild een groene draak. De leider van de sekte, Li Zicheng, veroverde Peking in 1644. Eén van de latere leiders van deze sekte, Koxinga veroverde Formosa, het huidige Taiwan, en daarmee ook de Nederlandse vestiging Zeelandia.

Koxinga ontmoette er de Nederlandse missionaris Antonius Hambroeck, die hij later liet onthoofden, omdat Hambroeck gouverneur Frederick Coyett van Zeelandia niet kon overtuigen Zeelandia af te staan aan Koxinga. Hambroeck zou door Koxinga ingewijd zijn in de Witte Lotus.

De Witte Lotus en Koxinga werden verdreven, waardoor enkele aanhangers van de Witte Lotus uitweken naar Europa. Zo werd in Amsterdam, naar het voorbeeld van de Witte Lotus, de Caemere der Draeckenieren opgericht, of het genootschap van vereerders van de Draak, door vermoedelijke aanhangers van Hambroeck. De leden van de vereniging kwamen vooral uit de handelswereld. Naar dit voorbeeld ontstonden in alle grote handelssteden van Europa Draeckeniersgenootschappen. De Aalsterse Caemere der Draeckenieren zou als onderdeel van de Groningse Caemere door Ambroos Espenga opgericht zijn in 1699.[2]

Draekeman[bewerken | brontekst bewerken]

Honoré De Staebele vertelde het verhaal van het ontstaan van de Draeckenieren iets anders; Draekeman was diegene die de Draeckenieren oprichtte in Europa. In de 17e eeuw zou meneer Draekeman vanuit China uitgeweken zijn naar Europa, waar hij in alle grote Europese handelssteden Draeckenierencaemers zou opricht hebben. Aalst, dat een bijhuis was van Amsterdam, zou haar Draeckenierengilde in 1699 gekregen hebben.[3]

Filips van Chieti[bewerken | brontekst bewerken]

Logo Draeckenieren

Op de website van de Draeckenieren is nog een andere versie van de geschiedenis te lezen. Het idee van de Draeckenieren zou door ontdekkingsreizigers, zoals Marco Polo, meegenomen zijn vanuit China naar Europa. Filips van Chieti zou de Draeckenieren opgemerkt hebben in tweede helft van de 13e eeuw in Italië. Filips zou de Draeckenieren mee naar Vlaanderen gebracht hebben. Na de Guldensporenslag werd hij regent van Vlaanderen en wou hij zijn invloed laten tonen door in alle steden Soevereine Caemers op te richten. Hij kreeg echter tegenkanting vanuit de Katholieke Kerk, waardoor de oprichting van een dergelijke kamer enkel lukte in Aalst met de hulp van de Draeckenieren. In 1550 zou de Caemere der Draeckenieren van Keizer Karel V de Kaiserlycke titel gekregen hebben. De Draeckenieren zouden tot in de jaren 1930 actief geweest zijn, behalve tijdens het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. [4]

Herstichting[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren in café Dilletant: v.l.n.r.: Kamiel Van Geert - Marcel De Bisschop - Gust Van der Stocj - Frans Tack - Honore De Staebeke - Jant Beeckman. Foto: Lieven Goubert

In 1936 zou een Aalstenaar, tijdens een bezoek aan Leeuwarden, het bestaan van de Aalsterse Draeckenieren-caemere op het spoor gekomen zijn, waarna hij enkele vrienden mobiliseerde om deze Caemere herop te richten. Zo kwamen de Aalsterse Draeckenieren opnieuw tot leven, al vormden ze toen nog geen officiële vereniging. De Draeckenieren hadden als doel om de aloude tradities in stand te houden. Ze waren actief tijdens vastenavond, de Meiserenades, de St.Maartensbezoeken, de Driekoningen-ommegang en op 1 april.

Boven de apotheek van Marcel De Bisschop werd de basis gelegd van de stichting van de De Aloude Kaiserlycke Soevereine Caemere der Draeckenieren. Gust Van Der Stock, Gaston Goubert, Marcel De Bisschop, Frans De Beul, Arnold Geerinck en Jef De Visser, een Vlaamsgezinde vriendenbende die niet graag op café ging, kwamen regelmatig samen in de apotheek van Marcel De Bisschop. Even later voegde ook Frans Tack zich bij de vriendengroep en werden de Draeckenieren een officiële vereniging. De Draeckenieren resideerden in café Dilettant, dat rechtover de St. Martinuskerk opengehouden werd door Jan Beeckman.

Naam[bewerken | brontekst bewerken]

Logo met de leuze 'Jamais peur, toujours soif'

De eerste samenkomsten van de Draeckenieren dateerden uit de jaren 1953-54. Gust Van Der Stock, in Aalst gekend als Gust van Pie Kees, werd aangesteld als voorzitter van de Draeckenieren, omdat hij over een grote fantasie beschikte. Samen met Frans Tack en Gaston Goubert was Gust de drijvende kracht achter de Draeckenieren.

De Draeckenieren begin jaren '60. V.l.n.r. boven:Gaston Goubert, Honoré Destaebele, Jan Beeckman, Jef De Visser, Piet Moereels, Burgemeester Blanckaert, Marcel De Bisschop, Benoni Ringoir. Zittend : Gust Van der Stock en Frans Tack (Foto: Lieven Goubert)

De naam van de Aalsterse vereniging ontstond via Gust Van der Stock en Frans Tack. In een reactie tegen de toenmalige toneelmaatschappijen vond Gust dat deze maatschappijen meer als draken op de planken moesten staan, waarbij hij verwees naar vroegere opvoeringen. Frans Tack, die archivaris was bij een katholieke Gentse krant, kreeg de opdracht om in zijn archieven te zoeken naar aanplakbiljetten en affiches van deze oude toneelstukken. Frans vond geen affiche, maar vond tijdens zijn zoektocht wel de oprichtingsdatum van de Aalsterse Draeckeneirengilde; hij riep het jaar 1872 uit tot oprichtingsjaar van de Aalsterse Draeckenieren, al vermelde hij er wel bij dat de Draeckenieren veel ouder waren, aangezien ze reeds lang in China bestonden. De De Aloude Kaiserlycke Soevereine Caemere der Draeckenieren tot Aelst werd zo geboren.[5][6]

Bestuur[bewerken | brontekst bewerken]

Gust Van der Stock met Draeckenspeld 'nagel en cent" (Bron: Aalst Karnaval, Jos Ghysens)

Een echt bestuur kende de Caemere der Draeckenieren niet, maar Gust werd wel benoemd als voorzitter, of opperdraeck. Gaston Goubert werd aangeduid als zedenmeester en Frans Tack werd secretaris en raadgever van de opperdraak. De Draeckenieren kwamen regelmatig samen bij de leden thuis, waarbij de gastheer voor het bier zorgde op eigen kosten. Vrouwen konden geen lid worden van de Draeckenieren; een plaasteren vrouw werd tijdens vergaderingen door de opperdraeck steeds aan de ingang gezet, wat symbool stond voor de ongewenstheid van de vrouwen. Men stapte in de jaren '70 wel even af van dit idee, toen Nicole Schellinck in 1975 als eerste vrouw bestuurslid werd van de Draeckenieren.[7]

Eedaflegging van enkele Draeckenieren, waaronder ook Nicole Schellinck (De Voorpost - 23/04/1976)

De Draeckenieren waren niet politiek-gezind, waarop Gust besliste om elk lid van de Draeckenieren tot bestuurslid te bombarderen, behalve diegenen die politiek actief waren. Hierdoor werden alle oorspronkelijke Draeckenieren bestuursleden, met uitzondering van Marcel De Bisschop, die gewoon lid werd. Alle beslissingen moesten wel goedgekeurd worden door de Algemene Vergaderingen, waarvan ook gewone leden deel uitmaakten. Van zodra een gewoon lid binnenkwam veranderde de gewone vergadering dus in een Algemene Vergadering. Ook Christoph D'Haese werd in 2011 gewoon lid van de Draeckenieren, omwille van zijn politieke activiteiten. 

IDA[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren in '75 (Bron: De Voorpost - 03/10/1975)

De Aalsterse Draeckenieren raakten in de jaren '60 bevriend met de Totentrekkers uit Brugge, een gelijkaardige vereniging. De Bruggeling Daniël Jacobus voegde zich hierop blijvend bij de Aalsterse Draeckenieren en werd 'den geheymscryvere' genoemd.

Eind jaren '60 ontdekte een lid van de Draeckenieren dat ook in Amerika Draeckencaemeren bestonden. De Draeckenieren sloten zich hierop aan bij de overkoepelende 'International Dragon Association'.

In 1975 werd besloten om elk (bestuurs)lid een welomschreven taak en functie te geven. De Draeckenieren kregen ook een eigen uniform.

Activiteiten[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren in 1992 (De Voorpost - 14/02/1992)

De activiteiten van de Draeckenieren bestonden in het begin uit het organiseren van een jaarlijks banket, de één-aprilgrappen en de jaarlijkse uitgave van het Gele Boekje. Daarnaast organiseerden de Draeckenieren ook tentoonstellingen en waren zij op de Topdag en de Ambachtsmarkt present om oude ambachten in de verf te zetten. De Draeckenieren houden de rivaliteit tussen Aalst en Dendermonde in stand; zo trokken de Draeckenieren in 1964 naar Dendermonde, om er en rouwkrans neer te leggen bij het Ros Beiaardbeeld van Marc De Bruyn[8] en organiseerden ze in 1975 de eerste Paardezitting, die herhaald wordt bij elke Ros Beiaardommegang.

De Draeckencaemere organiseerde aanvankelijk ook een Aalsterse namiddag voor de ouderen, ter gelegenheid van de jaarlijkse Handelsfoor in de Schoolstraat.

1962: Folkloristische Evokatie 1900[bewerken | brontekst bewerken]

Op 30 juni 1962 organiseerden de Draeckenieren een Folkloristische Evokatie in zaal Madelon op de Grote Markt, met de opvoering van Genoveva van Brabant. De evokatie werd als volgt omschreven in de Gazette Van Aelst: "De jeugddroom waar alle Aalstenaars in hun jeugd aan gesnoept hebben wordt tot nieuw leven geroepen in pantomime en toneel. Schetterende kopers en roffelende trommen zullen de zaal overgieten met de schlagers van 1900-1914... De Folkloristische Evokatie 1900 van de Draeckenieren wordt geen kabaret, geen show, geen revue of geen toneel. Het wordt een knalbom van echte folklore, gezond volks jolijt."[9]

 De Draeckenieren hadden het stuk, dat geregisseerd werd door Kamiel Van Geert, twee jaar lang voorbereid. Van Geert had het stuk herwerkt tot één akte en werd in samenwerking met de fanfare van Denderbelle opgevoerd. Gust speelde de rol van Pietje De Kluizenaar en in plaats van een hinde, kozen de Draeckenieren voor een bok, die spontaan zijn behoefte deed tijdens de opvoering van het stuk. Het stuk werd ingeleid door Renaat Van de Linden, voorzitter van de Bond van Oost-Vlaamse Folkloristen en lid van de Hoge Raad van Folklore voor België. De Vlaamse televisie was ook aanwezig om een aantal beelden te maken van de opvoering. 

Voor het grote publiek was dit de eerste keer dat ze echt kennis maakten met de Draeckenieren. Voordien bleven zij meestal anoniem, waardoor ze braken met de traditie.  

1964: Maifestzug[bewerken | brontekst bewerken]

In 1964 trokken de Draeckenieren naar Kaiserslautern om er deel te nemen aan de Maifestzug. Ze brachten er een parodie op de boekdrukkunst van Gütenberg en Dirk Martens.

1972: Dirk Martensjaar[bewerken | brontekst bewerken]

Naar aanleiding van het Dirk Martensjaar en het 100-jarig bestaan van de Draeckenieren organiseerden de Draeckenieren op 12 november 1972 de tentoonstelling Retrospectieve Dirk Martens in De Coninck van Spagniën. Het jubileumfeest begon met een Eucharistieviereing in de St.Martinuskerk ter nagedachtenis van de overleden Draeckenieren. Daarna werden de Draeckenieren ontvangen op het stadhuis door de burgemeester De Bisschop, waarna men richting Draeckenhol trok om de retrospectieve officieel te openen. De feestavond werd afgerond door een groot Chinees vuurwerk op de Grote Markt.[10]

Draeckenieren Gust Van der Stock, Honoré De Staebele, Hyppoliet Sedeyn, Piet Moereels, Gustaaf De Stobbeleir, Adolf Boel, Odilon Mortier, Hector Rombaut, Daniel Jacobus, Frans Wauters, Jo Beeckman, Herman Goevaerts, Prins Carnaval en de Bloemenfee waren present, waarna Senator Willy Vernimmen het woord mocht nemen.[11] Burgemeester en lid van de Draeckenieren Marcel De Bisschop slaagde er niet in om het openingslint door te knippen, omdat de Draeckenieren hierin een stevige ijzerdraad verstopt hadden. 

Op de tentoonstelling werden verschillende attributen van Dirk Martens tentoongesteld, waaronder een flesje met de laatste adem van Dirk Martens, zijn wiegdrukpers en zijn pot.

1975: Boegort en Biskop / Boerenommegang / Paardezitting[bewerken | brontekst bewerken]

Beeldje van Biskop (De Voorpost - 24/01/975)

In 1975 plaatsten de Draeckenieren twee beeldjes aan het Belfort; Boegort en Biskop, verwijzend naar burgemeester Marcel De Bisschop en schepen Etienne Bogaert. Marcel De Bisschop mocht de beeldjes onthullen; schepen Bogaert was afgebeeld als boomgaard en burgemeester De Bisschop als een bisschop.[12]

Affiche Frans Wauters.jpg

In 1975 verspreidden de Draeckenieren affiches met daarop 'Grote Boerenommeganck - Dorp Dendermonde' in Aalst en Dendermonde. De affiche werd ontworpen door Frans Wauters, die de affiche ondertekende met Fr. De Draeck. De affiche werd een belangrijke blikvanger op de Eerste Paardenzitting, die naar aanleiding van de Ros Beiaardommegang door de Draeckenieren georganiseerd werd op vrijdag 16 mei 1975, een week voor de stoet in Dendermonde. Burgemeester Marcel De Bisschop stelde de raadzaal van het Aalsters stadhuis ter beschikking en nodigde Albert Cool, de burgemeester van Dendermonde, uit.

Enkele dagen voor de ommegang van het Ros Beiaard, gingen de Draeckenieren, het Feestcomité en burgemeester Marcel De Bisschop naar Dendermonde om er twee zakken ajuinen aan te bieden, zodat het Dendermondse Ros krachten kon opdoen, zodat het de Dendermondse Grote Markt zou bereiken tijdens de ommegang.

De familie Draeckmans (De Voorpost - 13/05/1977)

1977: De plechtige communie van Wilhelmus Draeckmanus[bewerken | brontekst bewerken]

Moeder Odile (Odilon Mortier) en vader Dolf (Adolf Boel) vierden in mei 1977 de plechtige communie van zoon Wilhelmus (William Boulembercq). De hele familie Draeckmanus, waaronder nonkel Daniël en peter Honoré, vierde feest en had nonkel Herman Louies ingehuurd als fotograaf. De Draeckenieren waren de ganse dag op de baan om deze feestelijke gebeurtenis te vieren. Er werden zelfs herinneringsprentjes uitgedeeld.[13]

1979: Topdag[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren op de Topdag 1979 (De Voorpost - 11/05/1979)

Op de eerste Aalsterse Topdag van de verenigde Aalsterse dekenijen voerden de Draeckenieren sketches op in de Molenstraat, op de plaats waar het toekomstig cultureel centrum zou komen. De Draeckenieren brachten Tissen, de wonderdokter, naar Aalst. De wonderdokter had een karretje bij zich met cultureel water in opvallende kleurtjes. De wondermiddeltjes konden besteld worden, want de Draeckenieren verkochten ze niet ter plekke. Daarnaast brachten de Draeckenieren ook een stukje vendelzwaaien.

De Draeckenieren hadden zo veel plezier dat ze hun opvoering met de wonderdokter nog eens over deden op de Grote Markt, aan de voet van Dirk Martens. Daarna hielden de Draeckenieren hun jaarlijks banket.[14]

1983: Ambachten op de Topdag[bewerken | brontekst bewerken]

Een Draeckenier demonstreert spekslagen in 1983 (Nieuwe Gazet van Aalst - 20/11/1983)

Naast de Belfortmuur gaven de Draeckenieren een demonstratie van oude ambachten op de Topdag in 1983. Frans Wauters, Herman Louies, Daniël Jacobus en Frans Lievens lieten het publiek kennis maken met kaarsgieten, steenbakken, zandschilderen, spekslagen, en andere oude ambachten.[15][16]

1984: Tentoonstelling 'Leven en werk van Dirk Martens'[bewerken | brontekst bewerken]

Op de Topdag 1984 organiseerden de Draeckenieren een tentoonstelling aan het Belfort rond het leven en werk van Dirk Martens, in het kader van Flanders Printing.[17]

1990: Paardezitting / Brochure[bewerken | brontekst bewerken]

Herman Louies Paardenzitting 1990.jpg

Naar aanleiding van de Ros Beiaardommegang organiseerden de Draeckenieren een Paardenzitting op 18 mei 1990. De avond werd geopend door burgemeester Annie De Maght, waarna stadsarchivaris Karel Baert het woord nam. Pol De Paepe, expeditieleider van de ontvoeringspoging van het Ros Beiaard in 1952 en Piet Moereels kwamen ook aan het woord, waarna de Dendermondse burgemeester Dierick zijn wederwoord kreeg. 

Herman Louies was de moderator van dienst, hij droeg een pruik, die volgens de Dendermondenaars van paardenhaar gemaakt was. De Aalstenaars kregen kopvlees aangeboden van de Dendermondse gasten. Aan het einde van de zitting, zong iedereen, inclusief de Dendermondse delegatie, 'Oilsjt is een Sjikke Stad'.

De Draeckenieren brachten dat jaar ook de brochure Mijn Paard, Schoon Paard uit over de paardenvete tussen Aalst en Dendermonde. De brochure was in een mum van tijd uitverkocht in Aalst en Dendermonde, waardoor een tweede oplage moest gedrukt worden.

Draeckenieren Herman Louies, Frans Wauters, Piet Moereels, Frans Lievens, Ward Bauwens, Jo Beeckman en Godfried De Rauw bij de opening van de papieren-tentoonstelling (De Voorpost - 18091992)

1992: Papier - Beeld en basis[bewerken | brontekst bewerken]

In Aalst liep in 1992 de tentoonstelling Papier - Beeld en basis. De Draeckenieren besloten mee op deze kar te springen en organiseerden in 't Landhuis een eigen tentoonstelling rond papieren.

De tentoonstelling werd geopend door schepen Gracienne Van Nieuwenborgh. Op deze tentoonstelling waren o.a. een papieren paasklok, geschonken door de paus, de papieren vlieger van Walter De Buck en Deutsch Scheisspapier van voor, tijdens en na de oorlog te zien.[18]

2000: Paardezitting[bewerken | brontekst bewerken]

Naar aanleiding van de aankomende Ros Beiaardommegang organiseerden de Draeckenieren opnieuw een paardenzitting in de feestzaal van het Aalsterse stadhuis. Karel De Naeyer heette de asielzoekers uit Dendermonde welkom, waarna Annie De Maght haar Dendermondse collega Norbert De Batselier een kus gaf. De Dendermondenaars werden er die avond verheven in de orde van de Paardensaucissen.

2001: Eerste communie Broeder Sissen[bewerken | brontekst bewerken]

De communie van Broeder Sissen in 2001 (Bron: http://dedraeckenieren.be/)

In navolging van het communiefeest van Wilhelmus Draecmanus uit 1977, werd in 2001 de eerste communie van Broeder Sissen gevierd. Sissen werd de ganse dag omringd door zijn familie 'Draeckenieren'.

2006: Kiescampagne[bewerken | brontekst bewerken]

Tijdens de Topdag in 2006 gingen de Draeckenieren, zoals echte politici, met kiesmateriaal de straten op. Eén van de Draeckenieren ging mee verkleed als hostess om snoepjes uit te delen. [19]

2009: Het huwelijk[bewerken | brontekst bewerken]

Eddy en 'Metjen' (Bron: http://dedraeckenieren.be)

Op 29 augustus 2009 vierden de Draeckenieren de trouw van aspirant-lid Eddy De Laender met de meter van de Draeckenieren, Liliane Van den Eede. Eddy deed dit om zich te bewijzen als ware Draeckenier.

Schepen Verdoodt speelde het spelletje mee en voltrok het 'huwelijk', gevolgd door een fotosessie in de St. Martinuskerk en een trouwfeest. Eddy had voor zijn bruid zeven anjers en zeven rozen meegebracht en verzegelde het huwelijk met de woorden "Ik zal je nooit bedriegen, alleen misschien een beetje liegen als ik op een ander ga." Karel De Naeyer waarschuwde Eddy dat een oude schuur niet snel geblust is en Jo Beeckman hoopte dat er kinderen zouden van komen, zodat de verjonging van de Draeckenieren een feit zou zijn.[20]

2010: Paardezitting / Zilverpapier voor Dendermonde[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren vonden dat het in 2010 opnieuw tijd was voor een paardezitting. Op het Aalsters Stadhuis werd opnieuw een Dendermondse delegatie uitgenodigd; zij werden wel eerst gedesinfecteerd, alvorens ze binnengelaten werden. Eregasten waren de vier dochters van brouwer Dileweyns, die graag de vier Heemskinderen in Dendermonde wilden worden. De Draeckenieren steunden de vier zussen hierin, maar in Dendermonde had men reeds beslist dat de vier Heemskinderen uitsluitend jongens mochten zijn. De Draeckenieren gaven de 4 zussen (Anne-Catharina, Julie, Claire en Hélène) dan maar een paard in keramiek cadeau.[21]

De Draeckenieren in 2010 op missie in Dendermonde. (Bron: http://dedraeckenieren.be)

Op 26 mei 2010 ging een delegatie van de Draeckenieren richting Dendermonde met zakken zilverpapier. Op deze manier kwamen de Draeckenieren het onderontwikkelde dorp te hulp. De zakken werden overhandigd op het Dendermondse stadhuis en aan de stal van het Ros Beiaard.

2011: Nacht van de geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Het Davidsfonds had de Draeckenieren uitgenodigd op de Nacht van de geschiedenis om er een feestelijke avond van te maken. De Draeckenieren brachten er Aalsterse volksliedjes.[22]

2012: Tentoonstelling 600 Jaar K.S.C.D.A.[bewerken | brontekst bewerken]

In 2012 werd een tentoonstelling rond De Aloude Kaiserlycke Soevereine Caemere der Draeckenieren tot Aelst georganiseerd, met als titel 'De Draeckenieren door de eeuwen heen'. De tentoonstelling liep van 21 oktober en ging door in 't Gasthuys - Stedelijk Museum. De Draeckenieren hielden een ludieke expositie tijdens deze tentoonstelling.

De Draeckenieren tijdens hun expositie (Bron: http://dedraeckenieren.be/)

2015: Inauguratie Draeckenvlag[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren bij hun nieuwe vlag in 2015 (Bron: http://dedraeckenieren.be/)

De oude Draeckenvlag van de Draeckenieren was versleten, waarop de Draeckenieren in 2015 een nieuwe Draeckenvlag lieten maken. De nieuwe vlag werd plechtig ingehuldigd op 23 oktober 2015 in het bijzijn van Annie De Maght, het volledige Draeckenierenbestuur en gewoon lid Christoph D'Haese.

De organisatie was een opdracht voor de aspirant-Draeckenieren Luc Kindermans en Patrick Matthieu. Metje Lap was Lylian Van der Eede, meter van de Draeckenieren, en Peter Lap was de oudste Draeckenier, Frans Lievens. Er werd een optocht door de straten van Aalst gehouden en de vlag werd ingewijd met wijwater en Latijnse spreuken in de feestzaal van het stadhuis. Burgemeester D'Haese ging op het stadhuis door de knieën voor de nieuwe vlag.

2017: Wereldcongres Gebisj[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren organiseerden op het Aalsterse stadhuis een wereldcongres. Het thema van het wereldcongres, dat plaats vond op 19 mei, was ‘De compartotieve bijdrage van ’t gebisj insekticendis op de humane sociëteiten'. De Dendermondse en Aalsterse burgemeesters, Piet Buyse en Christoph D'Haese, entertainden samen met de Draeckenieren het talrijk opgekomen publiek.

De Draeckenieren op het wereldcongres Gebisj in 2017 (Bron: Facebookpagina Draeckenieren)

1-aprilgrappen[bewerken | brontekst bewerken]

Enkele 1-aprilgrappen van de Draeckenieren:

  • De Draeckenieren hadden op 1 april 1956 het standbeeld van Dirk Martens verkleed en hierbij de volgende boodschap geplaatst: "Na hier vele jaren te staan als de Aalsterse Zwerte Maan, veeg ik er m'n voeten aan, en kleed mij nu als Don Juan."
  • De dokters werden, naar aanleiding van de crisis rond het Suez-kanaal, op 1 april 1957 uitgenodigd om speciale benzine-bons op te halen.
  • De Draeckenieren hadden de zusters uit de christelijke scholen samengeroepen om hun kuisvergoeding te komen afhalen op 1 april.
  • Een nieuwe politieke partij zou op 1 april gesticht worden: Liberaal-Conservatief-Katholiek!
  • Er zou op 1 april een voordracht plaatsvinden in het belfort over het toeristisch abdijcentrum te Geraardsbergen, waar de bezoekers permanente toegangskaarten voor zouden krijgen.
  • De Draeckenieren organiseerden op 1 april een voordracht in 'de Ijzer' door dokter Paardekooper, die spreekverbod had gekregen in ons land. De B.O.B. kwam opdagen, maar merkte al snel dat het om een grap ging, toen Gust met een speelgoedpaardje binnenkwam.
  • Ze organiseerden op 1 april een redevoering over de Vlaamse beweging van 1940 tot 1945 door dr. Elias. Heel wat vooraanstaande Vlamingen, zoals Fritz De Bisschop, kwamen opdagen, maar er was geen sprake van een lezing.
  • Middenstanders werden door de Draeckenieren uitgenodigd om een aanvraag te doen van een octrooi van de gebreveteerde middenstander in het kader van de vestigingswet. De Draeckenieren verzonnen een aantal formulieren, die middenstanders moesten invullen. Vijftig middenstanders trapten in de grap en bezorgden hun formulieren op 1 april op het Kantoor van de economische Dienst van de stad.[23]
  • De Draeckenieren organiseerden op 1 april de inhuldiging van de Drakenlaan. Het Sluierstraatje zou vervangen worden door de Drakenlaan, waarbij burgemeester Blanckaert opgetrommeld werd voor de officiële inhuldiging van de laan. De burgemeester had echter niet door dat het om een grap ging.
  • 1 april 1975 (Bron: De Voorpost - 04/04/1975)

    In 1975 werden tijdens de nacht van 31 maart op 1 april de Aalsterse straatnaamborden vervangen door Franstalige straatnaamborden. De Grote Markt werd omgedoopt tot Place Nols en ook andere straten kregen passende Franse namen, zoals de Baraque Friture (Hopmarkt), Rue de Wallonie (Vlaanderenstraat), Place Charles Woeste (Priester Daensplein), Place Corum Alostum Imperiale (Keizerlijk Plein), Quartier Latin (Korte Nieuwstraat), Rue des Chômeurs (Arbeidstraat), Place du Théâtre Provisoire (Vredeplein), Place de l'Avant Troupe (Graanmarkt) en le Trou du Marché (het gat van de markt).[24]
  • De Draeckenieren aan het gemeentehuis van Hofstade in 1976 (De Voorpost - 09/04/1976)

    In de nacht van 31 maart op 1 april 1976 bevestigden de Draeckenieren aanplakbrieven aan de openbare gebouwen in Baardegem, Erembodegem, Gijzegem, Herdersem, Hofstade, Meldert, Moorsel en Nieuwerkerken. Op het aanplakbiljet was te lezen: "Openbare verkoping bij rechtsmacht. Wegens ontbinding en in het vooruitzicht van de fusie van gemeenten, zal door het ambt van notaris Michel Dragnon, met standplaats te Brussel, overgegaan worden tot de openbare verkoping van volgend goed." Ook het stadhuis van Aalst, de Keizershallen, de stadsbibliotheek, het Stedelijk Zwembad, het politiebureau, de brandweerkazerne, de Rozendreef, de Fiberfleethallen, de Bloemenveiling Flora, het slachthuis en het stadsmagazijn werden te koop aangeboden.
  • In 1977 openden de Draeckenieren een pre-carnavalmuseum op 1 april. Het museum bevatte o.a. het eerste uniform van de Prinsencaemere, een sigaar uit de kelder van Alfred Kelders, een hoopje sneeuw uit 1946 en de eerste karamel die door Marcel De Bisschop uitgeworpen werd.
  • In 1978 verspreidden de Draeckenieren het bericht dat de BRT-reportage over Aalst Carnaval heruitgezonden zou worden op 1 april. Ook werd aan de AKV-groepen een zogezegde premie beloofd door het Ministerie van Nederlandse Kultuur. Enkele groepen boden zich vergeefs aan.[25]
  • In 1980 schreven de Draeckenieren verschillende groepen aan; het Feestcomité om hun kostuum binnen te brengen om het te laten reinigen door een gespecialiseerde firma, de groepen van de Fiber-Fleet, omdat ze zich moesten verplaatsen naar de Couverture en de inwoners van Aalst, voor een algemene perequatie van de kadastrale inkomens. Deze groepen moesten op 1 april naar de afgebrande H.Geestkapel in de Kattestraat gaan kijken, waar een plakkaat hing, met daarop 'STER-aanbod! Te huur: Geschikte kapel voor tweede Pottekariewinkel!'.
  • In 1983 zetten de Draeckenieren op 1 april een stand op aan de Borse van Amsterdam om er kandidaten voor het Feestcomité te ontvangen.
  • Op 1 april 1990 werden op de invalswegen naar Dendermonde plakkaten geplaatst, waarop aangekondigd werd dat er paardenpest heerste in Dendermonde. Dat jaar was er in België varkenspest uitgebroken, wat aanleiding gaf tot deze grap van de Draeckenieren. Er werd zogezegd een schutkring ingesteld, die van kracht was tot 28 mei, de dag na de Ros Beiaardstoet. De daders waren Odilon Mortier, Karel BaertFrans WautersJean-Paul De Boitselier, Gracienne Van NIeuwenborgh, Frans Kinoo, Godfried De Rauw en Herman Louies.
  • In 2005 organiseerden de Draeckenieren op 1 april het spel 'Raap je rijk'. Op de Grote Markt en in de aanpalende winkelstraten kon men plastieken paaseieren vinden. In elk plastieken ei bevond zich een geschenkbon. Diegenen die zich aanboden bij de winkelier of herbergier keerden echter van een kale reis terug. In de Coninck van Spagnien was er geen Spaanse verrassing, bij de apotheker kon je geen vetkaarsjes krijgen, voor het gesloten restaurant Panda stond men tevergeefs te wachten op een gratis dagschotel en bij Mac Donalds moest je niet zijn voor een gratis hamburger.[26]
  • Veel Aalstenaars trokken op 1 april 2006 tevergeefs naar het stadhuis om hun gratis balkon- en perkplantjes af te halen. Er was wel een standje te zien, waarbij enkele lege bloempotjes en wat plantaarde lag. Op een bord stond geschreven: 'Zijn achter een nieuwe lading. Enkele ogenblikjes geduld'. Getekend met een kleine vis.[27]
  • Op 1 april 2008 konden bij het Verbond Oost-Vlaamse Kippenkwekers, alias De Draeckenieren kon op de binnenkoer van het stadhuis gratis legkippen verkregen worden. Met dozen en rieten manden meldde menig Aalstenaar zich aan het onthaal.
  • In 2002 kwam er een grote straatnamenverandering aan in Aalst. In Groot-Aalst mocht elke straatnaam immers maar 1 keer meer voorkomen. De Draeckenieren veranderden daarom verschillende straatnaambordjes in Aalst. Zo werd de Kerkstraat omgedoopt in Antoinettestraat, genoemd naar de uitbaatster van café In den Biekorf. De Kapellestraat toverden de Draeckenieren om in Poesjkapellestraat. Naar de uitbaatster van café Vredeplein en haar echtgenoot die brandweerman is, spraken de Draeckenieren van café Pompière op de Square Viviane. De Grote Markt werd omgedoopt in het Maeghdenplein. In de Molenstraat was ooit een klompenwinkel. Ter nagedachtenis van de Kloetspecialisten heette ze voortaan Gezusters Dikkekoppenstraat. De andere straten werden als volgt omgedoopt: Stationstraat in Zotte Lottesraat, Kattestraat in Boelvaar Angèle, Lange Zoutstraat in Matjen Ronsmansstraat, Korte Zoutstraat in Miss Elektriekstraat, Keizersplein in Madame Gravezplein, Nieuwstraat in Lylian Van Den Eedetraat, Hopmarkt in Josephine Ooievaarsplein, Sluierstraat in Klein Judithekessteeg en Ponstraat in Stroeikesstraat. 
  • In 2008 lieten 50 mensen zich vangen door de Draeckenieren. Er werd een stadswandeling aangekondigd op 1 april samen met televisiefiguren Steven Van Hereweghe en Odilon Mortier. Aansluitend beloofden ze een gratis proeverij van streekspecialiteiten in de trouwzaal.
  • In 2009 mislukte de aprilgrap van de Draeckenieren. De Draeckenieren zaten in de Keizershallen tevergeefs te wachten op kandidaat-spelers voor de film 'De bende van Jan de Lichte' van Louis-Paul Boon. Om het realistischer te maken, waren onder meer ex-schepen Gracienne Van Nieuwenborgh en actrices Peggy Scholiers en Hilde Wauters aanwezig. Er kwam maar één iemand opdagen.
  • De Draeckenieren riepen in 2010 via De Streekkrant de bevolking op om twee gloeilampen in het stadhuis om te wisselen tegen een gratis spaarlamp. Tegen elf uur hadden reeds een twintigtal personen zich aangeboden aan de dienst Onthaal.[28]
  • Op de plezierboot De Kastaar wachtten de Drackenieren op 1 april 2011 op geïnteresseerden die meer wilden weten over de nieuwe Sint-Annaburg. De interesse was minimaal.[29]
  • De Philharmonie Dragonia in 2012 (Bron: http://dedraeckenieren.be/)

    Op 1 april 2012 gaven de Draeckenieren een galaconcert met de Philharmonie Dragonia, onder leiding van de Finse dirigent Kenkaanimi, alias Odilon Mortier, op de Grote Markt van Aalst. Het optreden was een kakofonie met veel valse noten, waarvan zowel de omstaanders als de 'muzikanten' genoten. [30]
  • De Draeckenieren kregen in 2013 voor hun 1 aprilgrap de medewerking van enkele verenigingen, waaronder de Oude Garde. Een groots aangekondigd werfevenement kon op heel wat belangstelling rekenen. De apotheose was een poging van de befaamde illusionist Joshua Christobal om over de Dender te lopen. Uiteindelijk bleek dat een blauwe verf beschilderd doek te zijn .
  • De Draeckenieren in het bijzijn van de 2 ajuinboeren en een replica van het decorstuk van Kamiel Sergant in 2014. (Bron: http://dedraeckenieren.be)

    In 2014 werd aangekondigd dat het decorstuk van Kamiel Sergant, dat tijdens carnaval aan het stadhuis werd bevestigd, zou verdwijnen, omdat de Keizer aangekondigd had te stoppen met zijn actieve carnavalscarrière. Het decorstuk zou vervangen worden door één van de ajuinboer. Op 1 april kon er geboden worden op het oude decorstuk en mocht er tevens ook gestemd worden op welke ajuinboer, Aalst had er toen immers 2, aan de gevel zou komen. Niemand liet zich echter vangen, waardoor er geen bod of stem kwam.
  • Bon voor gratis mosselen van de Draeckenieren in 2015 (Bron: http://dedraeckenieren.be)

    In 2015 werd aangekondigd dat er vijf woensdagen na elkaar, te beginnen op 1 april, een mosselproeverij op de Grote Markt georganiseerd zou worden. De gegadigden kregen natuurlijk geen gratis mosselen, maar wel een bon voor een gratis portie mosselen met friet bij Pie Lafong op de Varkensmarkt, een legendarisch restaurant dat al jaren verdwenen was.
  • Johny Cooman tijdens de aprilgrap van 2016 (Bron: http://dedraeckenieren.be)

    In 2016 zouden de Draeckenieren geen aprilgrap uithalen, maar in plaats daarvan lintjes weggeven. De lintjes konden afgehaald worden in het Landhuis, waar de gegadigden de Draeckenieren vonden. Men kreeg een lintje, al was het geen stoffen, maar een papieren lintje, waarop Draeckenier Johny Cooman een draak en een aprilvis stempelde.
  • De Draeckenieren voor hun standje (Bron: Facebookpagina Draeckenieren)

    Als 1-aprilgrap zouden de Draeckenieren in 2017 vlaggen uitdelen aan de bewoners van de straten waar de Ronde van Vlaanderen zoud passeren. Aan hun kraampje konden ook ook 'waardebonnen' voor gratis wielerpetjes en -bidons ingeruild worden en een wielertruitje gewonnen worden. Een signeersessie met 'oude glorie' Knockaert rondde de druk bijgewoonde 1-aprilgrap af. Natuurlijk waren er niet echt petjes of andere gadgets te verkrijgen, in de doos met gadgets zat immers een aprilvis. En oude glorie Knockaert bleek toch niet zo oud of bekend te zijn. Ook in 2018 draaide hun grap rond de Ronde van Vlaanderen. Zo organiseerden ze de tentoonstelling 'De oorsprong van de Ronde' in de kelder van het Belfort. De tentoonstelling bleek niet te gaan over de Ronde van Vlaanderen, maar over ronde vormen.
  • In 2019 hielden de Draeckenieren een referendum op de Grote Markt over een uitstap van Aalst Carnaval uit UNESCO. Ze noemden het zelf de UNEXIT, waarbij ze stemhokjes op de Grote Markt gemaakt hadden.

Draeckenholen[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren op de anti-fusiebetoging in 1975 (Bron: De Voorpost - 04/07/1975)

Daniel Jacobus vond de term Draeckenhol uit. Het Draeckenhol is de plaats waar de Draeckenieren iedere eerste donderdag van de maand samenkomen om hun plannen te smeden. Aanvankelijk was het Draeckenhol de apotheek van Marcel De Bisschop.

De Draeckenieren veranderden verschillende keren van Draeckenhol. Na de apotheek, vonden ze tot in de jaren '60 onderdak boven het café Dilletant van Jan Beeckman. Jan Beeckman maakte speciaal voor de Draeckenieren een kartonnen draak, maar hij besliste om te stoppen met zijn café en zich enkel nog te concentreren op zijn job als dameskapper.

De Draeckenieren in 1980 (De Voorpost - 09/05/1980)

De Draeckenieren verhuisden hierna naar de Korte Nieuwstraat bij de weduwe Cheretté, in het Keizershof. Het Keizershof kwam in handen van een politieke groep, waardoor de Draeckenieren besloten om opnieuw te verhuizen. Ze trokken eerst naar De Breughel in de Kerkstraat en daarna naar De Coninck van Spagniën.

De Draeckenieren verhuisden vervolgens van De Coninck van Spagniën in 1976 naar 't Landhuis, waar ze vandaag nog steeds vertoeven.

Het Gele Boekje[bewerken | brontekst bewerken]

Honoré De Staebele overhandigt aan Marc Galle het Gele Boekje op de carnavalsraadszitting '77 (De Voorpost - 25/02/1977)

Vanaf 1968 (het jaar 4647 van de draak) brengen de Draeckenieren jaarlijks hun Gele Boekje op de markt in de weken voor carnaval. Het boekje is gerelateerd aan vastenavond en werd daardoor in de beginjaren 'het officiële vastenavondprogramma van de Kaiserlycke Souvereine Caemere der Draeckenieren tot Aelst' genoemd.  

De boekjes waren in de beginjaren winstgevend; de Draeckenieren konden met hun winst eens goed gaan eten. Het Gele Boekje groeide uit tot een boekje vol humor dankzij o.a. Frans Wauters, Odilon Mortier en Herman Louies, al was de horoscoop van Gust Van der Stock ook een legendarisch staaltje van fijne spot. De adverteerders in het Boekje mogen hun eigen advertentie niet opstellen, dat doen de Draeckenieren immers zelf. De Gele kleur van het boekje heeft niets met Mao te maken; bij het drukken van de eerste editie had de drukker enkel nog geel kaftpapier over, waardoor het Gele Boekje geboren werd. 

De Draeckenieren in 2014 (Bron: http://dedraeckenieren.be)

In 1979 kwam het uitbrengen van het Gele Boekje in gevaar door het mogelijke ontslag van Opperdraeck Honoré De Staebele.[31] Er ontstonden ook geruchten dat iemand een advocaat onder de arm genomen had om het verschijnen van het Gele Boekje van dat jaar tegen te houden, wegens eerroof. Het twaalfde Gele Boekje kwam er uiteindelijk toch en werd door de stad zelfs erkend als officieel vastenavondprogramma.  

In 1982 werd het Gele Boekje niet uitgegeven. In de plaats daarvan ontwierpen de Draeckenieren een Drakenspel. In 't Landhuis stelde Piet Moereels het spel voor aan het publiek. Het spel was gebaseerd op de regels van het ganzenspel. Op het spelbord waren o.a. cafébazen van op de Grote Markt te zien die op Aswoensdag hun geld naar de bank brachten, Piraat Jan De Lichte versie De Turck, een belfortduif, die niet beschermd werd door Marc Galle, en vele andere Aalsterse  thema's te zien. Het spel werd voor 30 Frank te koop aangeboden. In 1984, na een afwezigheid van 2 jaar, werd het Gele Boekje hernomen.

Het Draeckenspel in 2015 (Bron: Facebookpagina aalst.tv - Foto JP Swirko)

In 1986 kozen de Draeckenieren, na opnieuw een jaar verstek gegeven te hebben,voor het Groot Mini-Kwisboek 1986.

Het Gele Boekje verscheen onregelmatig in de jaren '80, maar vanaf 1994 werd het weer een jaarlijkse traditie, onder impuls van Frans Wauters, Piet Moereels, Ward Bauwens, Jo Beeckman, Jean-Paul De Boitselier en Godfried De Rauw. Frans Kinoo zorgde ervoor dat het Gele Boekje op de verkooppunten terecht kwam. In 2002 verscheen het eerste Gele Boekje dat tot stand kwam zonder medewerking van geheimschrijver Herman Louies; zijn rol werd overgenomen door Godfried De Rauw.

In 2015 werd opnieuw een Drakenspel uitgebracht, maar deze keer niet ter vervanging van het Gele boekje, zoals in 1982 het geval was. 't Groeit Spel Van Den Drauck was een onderdeel van het Gele Boekje, dat speciaal in A4-formaat uitgebracht werd. Het spel was opnieuw gebaseerd op het ganzenbord.

De Draeckenieren bij de voorstelling van hun 50ste Gele Boekje in 2017 (Facebookpagina aalst.tv - Foto: JP Swirko)

Vanaf 2016 verscheen het Gele Boekje in kleur. In 2018 werd het 50ste Gele Boekje voorgesteld aan het publiek in De Floereminne. Het boekje draaide rond 'Wat als?', waarbij vragen werden gesteld als "Wat als Vosse Kilo weir bloed zo geiven?", "Wat als Dendermonde niet bestond?" en "Wat als Dendermonde bestond?". 2021 was een speciaal jaar, omwille van het coronavirus, waardoor heel veel digitaal aangeboden werd. De Draeckenieren speelden in op deze trend en besloten om het Gele Boekje volledig gratis via hun website aan te bieden. Het Gele Boekje 'Elk In Zè Kot' is te lezen op http://draeckenierenaalst.be/geel.../geel-boeksken-2021.

Luc Moereels met het Gele Boekje van 2020 (Foto: http://draeckenierenaalst.be)

Jaar Thema
1994 Oilsjt 2002


Monumenten[bewerken | brontekst bewerken]

Geografisch middelpunt[bewerken | brontekst bewerken]

Het geografisch middelpunt van Groot-Aalst (Bron: http://dedraeckenieren.be/)

In 1999 bepaalden de Draeckenieren het geografische middelpunt van Groot-Aalst, naar een idee van Frans Wauters.

Het middelpunt van Groot-Aalst ligt tussen de Tiende Vrijstraat en de Paardendries op rechteroever. Aan de Paardendries in de nabijheid van 4°4'10 oosterlengte en 50°56'58'' noorderbreedte plaatsten ze een monument, een smeedijzeren kunstwerk van Peter De Bruyne. Op de smeedijzeren mast wijzen bordjes de richting van de verschillende deelgemeenten aan. Paul Callebaut, die toen in de Tiende Vrijstraat 28 woonde, werd door de Draeckenieren bevorderd tot conservator. De mast werd door burgemeester Annie De Maght met een flesje Safir ingewijd.[32]

In 2004 werd organiseerden de Draeckenieren een lustrumfeest voor dit monument.[33]

De Draeckenieren bij het geografisch middelpunt van Groot Aalst (Bron: http://dedraeckenieren.be/)

Draeckenbeeld[bewerken | brontekst bewerken]

In 2009 kregen de Draeckenieren hun eigen drakenstandbeeld in het park Terlinden. Het standbeeld werd gemaakt door de 74-jarige André Present uit Hamme. Oud-schepen Gracienne Van Nieuwenborgh en schepen van Monumentenzorg Paul Stockman werden meter en peter van het standbeeld. Meter en peter mochten het monument inhuldigen met een flesje Augustijn.

Op het monument staat het jaar 1559 vermeld. Het is niet echt duidelijk waarom dit jaartal gekozen werd. Vermoedelijk heeft het te maken met de machtsverschuiving die Aalst kende dat jaar: vóór 1559 ressorteerde het gebied onder het bisdom Kamerijk, aartsdiakonaat Brabant, vanaf 12 mei 1559 maakte Aalst deel uit van het aartsbisdom Mechelen-Brussel, met onder meer de dekenij Geraardsbergen.

Draeckenier Karel De Naeyer geeft een toespraak in het bijzijn van zijn broeders Draeckenieren, Gracienne Van Nieuwenborgh en Paul Stockman. (Bron:http://dedraeckenieren.be/)

Opperdraeck[bewerken | brontekst bewerken]

De voorzitter van de broederschap wordt de opperdraeck genoemd.

periode Opperdraak
1952-1974 Gust Van Der Stock
1974-1989 Honoré De Staebele
1989-1999 Frans Wauters
1999-2007 Piet Moereels
2007-2012 Odilon Mortier
2012-heden Luc Moereels

Eredraeckenieren[bewerken | brontekst bewerken]

De Draeckenieren nodigen elk jaar een Eredraeckenier uit tijdens hun Draeckenbuffet. Eredraeckenieren zijn verdienstelijk geweest voor de stad Aalst of voor de Draeckenieren. Het menu wordt aangepast aan de genodigde. Zo stond bij minister Marc Galle alles in het teken van vogels, met roodborstjessoep, vliegende vissen in lokaas met duivenmelk, trekvogelsauté besproeid met kardinalenvocht, een ijsvogelcoupe en mokka de rode pelikaan. Voor commissaris Cottyn was er een watermenu op een pro justutuaformulier met een coup de matraque, kepi St. Jacques, zebrapadsoep met blaasproef, gebraden speurhond in slibsaas, bevroren ijsgang met dooibarelen, koffie JacqMenotte en versnaperingen uit de vakkenkast der onkreukbaren.

Jaar Ere-draeckenier
1976 Pol De Paepe
1977 Gustaaf De Stobbeleir
1978 Kamiel Sergant
1979 Benoni Ringoir
1980 Ward Bauwens

Marc Galle

1981 Raymond Cotteyn
1982 Louis D'Haeseleer
1983 Raymond Uyttersprot
1984 Chris Willems
1986 Liliane Van den Eede
1987 Jan Caudron
1988 Edward Bauwens
1989 Honoré De Staebele
1991 Maurice De Kerpel

Annie De Maght

1992 André-Emiel Bogaert
1994 Patrick Meulebroeck
1995 Gracienne Van Nieuwenborgh
1996 Frans & Odile Wauters
1997 Willy Van Mossevelde
1998 Carlos De Troch
1999 Gilbert De Jonge
2000 Jos Ghysens
2001 De kat van Oscar Redant
2002 Gaston Van den Eede
2003 Hilde De Brandt
2004 Antoine Van der Heyden
2006 250 jaar Mozart

Enrico Le Clair

2007 Ivo Van Cleemput
2008 Paul Stockman
2009 Jef Vermassen
2010 Jurgen Troch
2011 Herman Troch
2012 Nicole Ringoir
2014 Kristiaan Van Ingelgem
2015 Karel Peeters
2016 Ann Van de Steen
2017 Freddy Thybaert

John Woolley

2019 Gilles Van Schuylenbergh

(ex-)Leden[bewerken | brontekst bewerken]

Naam Aangesteld in Titel
Gaston Goubert 1952 Seedenmeestere
Marcel De Bisschop 1952 Eeuwig lid

Broeder Marcellus Echevinus Evekkius

Gust Van der Stock 1952 Heraut

Opperdraeck 1952-1974

Broeder Gust van Pië Kees

Frans Tack 1953 Secretaris - Raadgever
Piet Moereels 1955 Heraut

Oppedraeck 1999-2007

Broeder Pieter Eels ter Moeren

Herman Goevaerts 1958 Chirurgijn - Inspirator

Broeder Hermanus Bonnerigoladius

Jan Beeckman 1959 Seedenmeestere

Broeder Janusman ter Beekius

Odilon Mortier 1965 Heraut - Kapelmeestere

Opperdraeck 2007-2012

Broeder Odilonus Orgelmanus Saxophonius

Herman Louies 1965 Scribent - Moilentrekkere

Broeder Hermanus Aloe-Wisius

Hector Rombaut 1965
Frans Wauters 1965 Botteliere

Opperdraeck 1989-1999

Broeder Fransoo Des Eaux

Adolf Boel 197x Ceremoniemeester

Adolfus Bo-elius

Gaston Schellinck 1976 Ere-tamboerderoerder - Minnestreler-Troebadoer

Broeder Vaastus Ecaillus-Linkus

Frans Kinoo 1976 Ere-Vaendrigh - Archivaris

Broeder Boudinus Menton Double O

Frans Lievens 1977 Randbaljuw

Broeder Franciscus Livinianus Fanfarus

Eduard Bauwens 1982 Seedenmeestere - Mengelwerkscryvere - Corresponderend Lid

Broeder Eduardus B. Structurensis

Godfried De Rauw 1989 Tollenaere - Explicateur in 't Kort

Broeder Godfriedus den Rauwen

Christophe De Landtsheer 1989 Maeckelaere - Roestend Lid

Broeder Christophorus Campagnardus

Jean-Paul De Boitselier 1989
Joseph Beeckman 1992 Archivaris

Broeder Josephus ter Bekius

Jean-Marie De Kegel 1995 Contacteur - Geheymschryvere

Broeder Johannes Maria Conicus

Benny De Schrijver 1996 Tressaurier - Melodist

Broeder Benito Barbieri

Karel De Naeyer 1997 Ceremoniemeester

Broeder Carolus Theatralus

Karel Van Heddeghem 1998 Barbier - Ballenescamoteur

Broeder Carolus Quillus Renverstatus

Francis Van den Steen 1999 Hoogtewerker

Broeder Franciscus den Sissius

Johny Cooman 2000 Verslagdoener - Cronycker - Sneldichter

Broeder Johannes Coomanius Storius

Jozef D'Haese 2000 Conterfeyter - Illustrator

Broeder Josephus Camillus Liebrinus

Hugo Marcoen 2002 Explorateur - Episcopalist - Tamboerderoerder

Broeder Hugo Africanus

Pierre Keymeulen 2007 Seedenmeestere - Kommisaris - Verbalist

Broeder Gardecivilus Flickadorus

Luc Moereels 2008 Heraut

Oppedraeck 2012-...

Broeder Lucas Eels ter Moeren

André Van Schuylenbergh 2008 Conterfeyter

Broeder Honoré d'Abrimont

Anton Cogen 2009 Troubadour
Eddy De Laender 2010 Vaendrigh - Poepenist - Saeckenmeestere

Broeder Duarius Aabazjoerius ter Laender

Christoph D'Haese 2011 Ordinair lid
Filip Van de Winkel 2012 Kadoensjtemauker - Ceremoniemeestere

Broeder Philipus Norbertus Alicia ter Winckelaer

Gunnar Callebaut 2014 Bruggenwachter - Pontus Relationis

Broeder Gunardo de Calle Y Bautalez

Patrick Mathieu 2015 Innovator - Inventor
Luc Kindermans 2015 Intern Logisticus - Groenbeheerder en Afvalmanager - Vaendrigh

Broeder Lucas Christianus le Mans ter Kinderen

Kristiaan Van Ingelgem 2015 Klokkenluydere - Beiaardoloog - Doksaelbeheerder

Broeder Christianus Beiardus d'(J)Inghelbel

Daniël Jacobus Geheymschryvere

Daniëlus Jacobinus

Hyppoliet Sedeyn Zakenmeester - Estafette
Honoré De Staebele Opperdraeck 1974-1989

Honoratius De Stabiele

Nicole Schellinck Marketentster - Plaaster
Petrus De Gols Tamboerroerder

Petrus Gollensius

Raoul Van Wambeke Alchemist - Muntmeester

Raolus Ter Bekius Wam

Arnold  Geerinck
Jef De Visser
Gaston Van den Hauwe Tresauriere

Broeder Vaastus Van Hauwerus

William Boulembercq Balletmeestere

Wilhelmus Draeckmanus

Johny Van den Dael

Varia[bewerken | brontekst bewerken]

  • De leuze van de Draeckenieren is 'Jamais peur, toujours soif'.
  • Naugel en ne seng (Foto: Lieven Goubert)

    'Nagel en cent' is het kenteken van de Draeckenieren. Altijd geld op zak, steeds ne naugel om on a gat te krabben ! (want anders : eje giejnen naugel om on a gat te krabben)[34]
  • Tijdens de beginjaren van het Driekoningenfeest, zorgden Gust Van der Stock en zijn Draeckenieren steeds voor een door het publiek gesmaakte act.
  • Gust Van der Stock en Frans Tack droegen steeds de draak op de borst, deze werd ontworpen door Marc De Bruyn.
  • Door de geschiedenis van de Draeckenieren in China te laten ontstaan, wilden de Draeckenieren de Rederijkerskamer van de Catharinisten een hak zetten; de Catharinisten beweerden immers dat ze reeds in de 14e eeuw ontstaan waren en hierdoor de oudste vereniging waren. De Draeckenieren, met Opperdraeck Gust Van der Stock die bij het Land van Riem zat, werden zo de oudste vereniging.
  • Frans De Beul was aanwezig op de eerste bijeenkomsten van de Draeckenieren, maar was nooit actief lid.
  • Na het overleiden van Gust Van der Stock verliet Gaston Goubert de Draeckenieren.
  • In 1975 kreeg stationschef De Coninck 'de nagel en de cent' van de Draeckenieren overhandigd, omdat Aalst het veiligste station had.
  • In 1975 werd een tweede Draeckenvereniging opgericht, De Ware Draeckenieren, die zich in het Landhuis zouden vestigen. De Draeckenieren hielden na het horen van dit nieuws in paniek een algemene vergadering. Het bleek echter om een grap te gaan.[35]
  • In augustus 1975 was Adolf Eechaut eregast bij de Draeckenieren. Eén van de leden had strommelaar Dolf meegenomen naar de vergadering van de Draeckenieren. Dolf mocht vanaf dan de Draeckenieren vergezellen als trommelaar en werd technicus/halflid van de Draeckenieren.[36]
  • In 1975 kregen de Draeckenieren een rubriek in De Voorpost; In het hol van de draeck.
  • (De Voorpost - 02/04/1976)

    Oprichting De Waere Draecken (De Voorpost - 09/04/1976)

    In 1976 kwam opnieuw het nieuws dat een tweede Draeckenvereniging zou opgericht worden. De Waere Draecken zou op 1 april 1976 opgericht worden. Zeven personen, die anoniem wilden blijven, benadrukten dat het niet om een aprilgrap ging. De nieuwe vereniging wou de geest van Gust Van der Stock levendig houden, iets wat de Draeckenieren steeds minder zouden doen. Ook het idee dat vrouwen niet welkom zijn, wou de nieuwe vereniging terug in het leven roepen. De Draeckenieren hadden immers gezondigd tegen dir principe, door Nicole Schellinck toe te laten tot de vereniging. De zaal van het stadhuis liep vol, met uitzondering van burgemeester Marcel De Bisschop. De toeschouwers werden getrakteerd op een optreden van zangkoor 't Snoerken en kregen een cadeautje van de Waere Draecken; een zakje met poeder om een eigen plaaster te maken. Tijdens het optreden van het koor 't Snoerken, zat een zwart geklede Draeck op een stoel, met naast zich zes lege plaatsen met daarop lege eierschelpen. Het thema van de avond was immers 'Het jaar van het ei'. Na het optreden van het koor verschenen zeven mannen met koppen op de borst, die de Spreekdraeck opdracht gaven te spreken, waarna deze aan zijn rede begon. De nieuwe vereniging was geen lang leven beschoren, het bleef slechts bij dit ene wapenfeit.[37]
  • Inschrijfstandje voor de ballonnenwedstrijd van de Draeckenieren in 1976 (De Voorpost - 16/07/1976)

    Op 11 juli 1976 organiseerden de Draeckenieren een Vlaamse leeuw-ballonnenwedstrijd voor de kinderen. Elke terugkerende ballon gaf recht op een mooie prijs.[38] De ballonnen kwamen o.a. terecht in Erpe, Haacht, Putte en Auberhausen-Berchiem.[39]
  • De Draeckenieren waren ook vertegenwoordigd binnen het Corum Alostum Imperiale en de Clochards. Het Corum Alostum Imperiale werd zelfs als onderafdeling van de Draeckenieren genoemd, al was het oorspronkelijk ontstaan uit het Feestcomité. Alle leden van het koor waren ook lid geworden van de Draeckenieren, waardoor het niet meer duidelijk was wie ze precies vertegenwoordigden.[40]
  • De Draeckenieren aan de gedenkplaat van Gust Van der Stock (De Voorpost - 24/09/1976)

    In 1976 namen de Draeckenieren, samen met Marcel De Bisschop, de dekenij Molenstraat en de Stedelijke Marktcommissie, het initiatief om een gedenkplaat te laten maken voor Gust Van der Stock. De gedenkplaat werd aangebracht aan de vroegere kaaswinkel van Gust in de Molenstraat.[41]
  • In 1977 bouwden de Draeckenieren een nep standbeeld van de Voil Jeanet, dat ze tijdens carnaval door Prins Edy lieten inhuldigen. Hiermee wilden ze het gebrek aan een carnavalsmuseum in Aalst aanklagen.[42]
  • In 1978 werd de Draecken-vlag eind mei gestolen door De Lose Dlaken, zoals de dieven zichzelf noemden. Er werd 25 000 Frank losgeld gevraag aan de Draeckenieren. De vlag werd gestolen in de vergaderzaal van 't Landhuis, waar vele andere verenigingen toegang tot hadden. De Draeckenieren weigerden de som te betalen en eisten de teruggave van de vlag; anders zouden ze verdere stappen ondernemen. De vlag kwam uiteindelijk terug naar de Draeckenieren.[43]
  • De Draeckenieren aan het werk in 1978, tijdens de Britse Week. (De Voorpost - 26/05/1978)

    Naar aanleiding van de Britse Week, veranderden de Draeckenieren in 1978 de straanaambordjes in Engelse alternatieven, zoals Saltstreet (Zoutstraat), Rosy Sailor Street (Rozemarijnstraat), Royal Water Closet Market (Grote Markt), Cornflake Market (Graanmarkt) en Tri-Pod Square (Vredeplein). Daarnaast zorgden de Draeckenieren ook voor de komst van Gretna Green naar Aalst en zorgden ze voor muzikale animatie op de openingsceremonie, de dag van de Bolhoeden, de dag der ambachten en op de slotavond.[44]
  • Naar aanleiding van vaderdag werd in 1978 een bloemenhulde aan Dirk Martens gebracht door de Draeckenieren. Ze namen in september dat jaar ook deel aan de inhuldiging van de gedenkplaat voor de gestorven Marcel Bombeeck.
  • In 1979 reikten de Draeckenieren de Draeckenpremie uit voor de groep die zonder praalwagen en met de minste kosten, de meeste spirit kon brengen. De Berkes van Sint-Anna haalden de prijs binnen en ontvingen 3000 Frank van de Draeckenieren.[45]
  • In 1979 hielden de Draeckenieren een voor-opening van de vernieuwde, verkeersvrije, Grote Markt. Mevrouw Buys mocht met een zilveren hegschaar het openingslint doorknippen.
  • In 1980 reikten de Draeckenieren 3000 Frank uit aan Slash, zij waren voor de Draeckenieren de origineelste losse groep dat jaar.
  • In 1983 schreven de Gebroeders Draakmans het vervolgverhaal De wind die niet wou vallen in de Voorpost. Draeckenieren Frans Wauters, Herman Louies, Adolf Boel en Ward Bauwens zaten achter dit schrijverscollectief.
  • In 1988 wilden de Draeckenieren een carnavalsmonument laten bouwen. Marcel De Bisschop zorgde voor het ontwerp van het monument; een beeld van ajuinboer Albert Verbestel. De plannen werden uiteindelijk niet uitgevoerd.
  • In de jaren '90 bezochten de Draeckenieren een aantal keer de Dendermondse vereniging Den Dèrremonse Klapper.
  • In 1998 wonnen de Draeckenieren, tot ieders verbazing, de Klapper, een prijs van Den Dèrremonse Klapper.
  • In 2000 beeldde Sjik het stoetthema 'Juras-Sjik-Park' uit, over de Draeckenieren.
  • In 2009 ging Venoin in de stoet met het thema 'Draeckinertennieren'.
  • Het etiket van de Draeckenier (Bron: http://gillesvanschuylenbergh.weebly.com/)

    In 2010 kregen de Draeckenieren hun eigen bier. Jurgen Troch brouwde het bier en noemde het naar De Draeckenieren. Het etiket werd ontworpen door Gilles Van Schuylenbergh en werd gebrouwen in de Proefbrouwerij in Lochristi, onder licentie van brouwerij Troch uit de Désiré De Wolfstraat in Aalst.[46]
  • In 2014 speelde Draeckenier Karel De Naeyer de hoofdrol in het stuk 'Donsj & Donsj', in een regie van Anton Cogen, die ook bij de Draeckenieren zat. Na het stuk was er café chantant met de Draeckenieren, die volkse amusementsliederen zongen uit de tijd van Daens.
  • In 2015 maakten de Draeckenieren een promospot in samenwerking met aalst.tv voor hun zoektocht naar nieuwe leden. Uiteraard was de spot ludiek bedoeld, aangezien men zich niet zelf kandidaat kan stellen bij de Draeckenieren.
  • In 2017 werden de Draeckenieren uitgenodigd door de Katholieke Werknemersbeweging van Dendermonde onder het motto 'Aalst en Dendermonde in de clinch?'.
  • Dest Goe Schief 2017 (Foto: Sören Delclef)

    In 2017 werd een grap van de Draeckenieren door AKV Dest Goe Schief overgedaan; de straatbordjes in Aalst werden vervangen door een Aalsterse variant. Hiermee wilden ze de aandacht vestigen op hun stoetthema 'Elke grap en grol ontstoot in’t draukenhol'. Ook Om en Vedrom beeldden in 2017 de Draeckenieren uit onder het thema 'Zetj de plooster boiten!! Tes 8 ieren..Vergeirink van De Draeckenieren!!'.
  • In 2019 hernamen de Draeckenieren een oude traditie. Op de vooravond van Driekoningen gingen ze zingen in verschillende Aalsterse café’s.

Bronnen[bewerken | brontekst bewerken]

  1. De Voorpost, 22 februari 1974
  2. De Gazet van Aelst, 18 april 1964
  3. De Voorpost, 20/02/1981
  4. Website Draeckenieren, http://dedraeckenieren.be
  5. Aalst Karnaval, Jos Ghysens, Uitgeverij Veys, Tielt (1975)
  6. De Voorpost, 1 april 1977
  7. De Voorpost, 10 januari 1975
  8. De Gazet van Aalst, 27 februari 1964
  9. De Gazet van Aelst, 23 juni 1962
  10. De Gazet van Aalst, 11 november 1972
  11. De Gazet van Aalst, 18 november 1972
  12. De Voorpost, 24 januari 1975
  13. De Voorpost, 13 mei 1977
  14. De Voorpost, 11 mei 1979
  15. De Gazet van Aalst, 20 mei 1983
  16. De Voorpost, 20 mei 1983
  17. Nieuwe Gazet van Aalst, 11 mei 1984
  18. De Voorpost, 18 september 1992
  19. Het Laatste Nieuws, 8 mei 2006
  20. Het Nieuwsblad, 1 september 2009
  21. Het Nieuwsblad, 17 juni 2010
  22. Het Laatste Nieuws, 24 maart 2011
  23. De Voorpost, 1 april 1977
  24. De Voorpost, 4 april 1975
  25. Het Gele Boekje, 1979
  26. Het Volk, 2 april 2005
  27. Het Volk, 3 april 2006
  28. Het Nieuwsblad, 2 april 2010
  29. Het Nieuwsblad, 2 april 2011
  30. Het Nieuwsblad, 2 april 2012
  31. De Voorpost, 13 oktober 1978
  32. Het Laatste Nieuws, 29 mei 1999
  33. Het Nieuwsblad, 10 juni 2004
  34. Lieven Goubert
  35. De Voorpost, 1 augustus 1975
  36. De Voorpost, 8 augustus 1975
  37. De Voorpost, 26 maart 1976
  38. De Voorpost, 25 juni 1976
  39. De Voorpost, 6 augustus 1976
  40. Het Gele Boekje, 1981
  41. De Voorpost, 24 september 1976
  42. De Voorpost, 25 februari 1977
  43. De Voorpost, 2 juni 1978
  44. De Voorpost, 26 mei 1978
  45. De Voorpost, 23 maart 1979
  46. Het Laatste Nieuws, 5 mei 2010
Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.