Wikia


De Kat was een reuzendier dat vanaf 1932 mee ging in de stoet. Deze reusachtige kat werd gedragen door de inwoners van de buurt 'De Kat'. De Kat liep onafgebroken mee in de stoet van 1932 tot en met 1958, waarna ze 9 jaar uit de stoet verdween. De Kat deed haar herintrede in 1968, maar verdween na 1977 definitief uit de stoet.

Maatschappij De Kat Edit

De Kat

De eerste Kat met Maatschappij De Kat (Foto: Louies J. (1992), De Kat en de Gelen, Aalst: De Vrije Meningsuiting)

De buurt van 'De Kat' bestond uit de Ridderstraat, de Keyzerstraat en het Vredeplein. In 1921 werden de kermissen van drie wijken erkend door de stad Aalst: de kermis van wijk De Kat, de kermis van de Karmelietenwijk en de kermis van de wijk Hopmarkt. De Kattekermis vond plaats begin oktober en groeide uit tot de grootste van de stad.

In 1929 dreigde de Kattekermis echter verloren te gaan, waarop de maatschappij 'De Kat' werd opgericht. De maatschappij had als doel de tradities van de wijk in ere te houden.[1]

Om hun wijk nog meer in de kijker te zetten, besloot de maatschappij De Kat om in 1932 met een eigen reus in de stoet te: de Kat.

De eerste Kat (1932-1950)Edit

De eerste Kat, die in 1932 meeging in de stoet, was een wit exemplaar. De Kat werd gemaakt door Jan Roelandt, de voorzitter van de Maatschappij De Kat, die De Kat aanvankelijk bewaarde op zijn zolder.

De Kat verhuisde later naar een stadsmagazijn, maar daar raakte het onderstel op een dag verloren. De Kat werd toen éénmalig op de paardenkar van bierverdeler Hector De Neef rondgereden.[2]
De Kaat op kar

De Kat werd éénmalig vervoerd met paard en kar (Foto: Louies J. (1992), De Kat en de Gelen, Aalst: De Vrije Meningsuiting)

De Kat liep samen met Majoor Cans, de reus van de Karmelietenwijk (Botermarkt), achter de stadsreuzen in de Stoet.[3]

De tweede Kat (1950-1957) Edit

Majoor Vans De Kat

De tweede versie van De Kat en Majoor Cans (Foto: De 75 stoeten van Aalst, Documentatiecentrum Aalst Karnaval)

In 1950 beleefde de Kattekermis zijn hoogtepunt, waarop de maatschappij besloot om een nieuwe Kat te laten beitelen, die een eerste keer te zien zou zijn in de Reuzenstoet, ter herdenking van Alfons De Cock, van oktober 1950. De Kat was er samen met een 60-tal andere Oost-Vlaamse reuzen te zien.[4] 

De nieuwe Kat was groter dan het vorige exemplaar en werd gemaakt door een beeldhouwer uit Zottegem, die er 4.000 frank voor kreeg. Het dier was gemaakt uit hout en werd volledig zwart geverfd met vurige ogen. Het dier bleek al snel te zwaar te zijn om te dragen, waardoor ze in 1951 door Guillaume Pachter op een chassis gemonteerd werd. Rond het rijtuig werd een burcht nagebouwd, waarbij de stenen geverfd werden met plastiekverf. 

De Kat werd bewaard in de oude gebouwen van de waterdienst in de Vrijheidsstraat, maar bij de afbraak van deze gebouwen raakte de Kat spoorloos. Marcel De Bisschop beloofde aan de maatschappij een nieuw exemplaar van de Kat, maar hij kwam deze belofte nooit na.[5] De Kat werd later teruggevonden in een stadsmagazijn en wordt momenteel in het Stedelijk Museum bewaard.[6] 

De derde Kat (1957-1977) Edit

De Kat AjoinPedia-0

De Kat maakt sinds 2017 deel uit van de tentoonstelling DNAalst. (Foto: Sören Delclef - AjoinPedia)

In 1957 werd de zwarte Kat vervangen door een nieuwe witte Kat. Deze nieuwe Kat liep nog in 1958 in de stoet, maar in 1959 was ze er niet meer bij. Door een gebrek aan Kattendragers nam de Kat niet deel aan de stoet tussen 1959 en 1968. Vanaf 1968 was de Kat weer jaarlijks in de stoet te zien. 

In 1975 was de Kat aan een nieuw kleurtje toe. Bij de herschildering werd de kat in het wit en grijs geschilderd en verdwenen de vurige ogen.  

De Kat was als reus echter te klein geworden en stak steeds meer af tegen de steeds groter wordende wagens. De Kat liep in 1977 voor het laatst mee in de Aalsterse stoet. 

Varia Edit

  • De Kat maakt deel uit van de tentoonstelling DNAalst, die sinds17 juni 2017 in het Stedelijk Museum loopt.

Bronnen Edit

  1. Ghysens J. & Baert K.(1975), Aalst Karnaval, Tielt: Uitgeverij Veys
  2. De 75 stoeten van Aalst, Documentatiecentrum Aalst Karnaval
  3. De Volksstem, 26 januari 1932
  4. De Gazet van Aalst, 5 oktober 1950
  5. De Voorpost, 20 februari 1976
  6. Louies J. (1992), De geschiedenis van de kat en de gele limonade: 105 jaar goed leven in een Aalsterse volkswijk (1977-1991): de kat en de gelen, Aalst: De Vrije Meningsuiting
Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.