Wikia


Het Driekoningenfeest had in 1990 te kampen met een een protestactie op de Grote Markt. Hierdoor waren de feestvierders al vroeg afgezakt naar het feest. Het feest werd georganiseerd door het Feestcomité en ging door in de Ridderzaal van het Belfort.

Een uur voor het Driekoningenfeest werd een protestactie tegen het verbod op uitgaanswagens in de feestzone gehouden op de Grote Markt. Men had aangekondigd om de ingang van het Belfort te blokkeren met uitgaanswagens, maar zover kwam het uiteindelijk niet. De protestgroep had gekozen voor speelgoedbrandweerwagens, waarbij muziek en drank hun protest moest ondersteunen. Na hun protestactie zakten ze af naar het Driekoningenfeest.

De sfeer zat er opnieuw in, mede door de Prinsencaemere en 't Klein Muziekske. De Prinsencaemere had gevraagd om een orkest in te huren om de dode momenten op te vangen. 't Klein Muziekske, dat ook bij de thuiswedstrijden van Eendracht Aalst present was, deed dit uitstekend.

De kandidaten Prins carnaval ontvingen hun lint, waarna ze zich mochten voorstellen aan het publiek. Ludwig Janssens deed zijn tegenkandidaten plaatsnemen op een toneelvloer, waarna hij zei "voilà, op papier zijn jullie de beste". Hij lanceerde ook een paar slogans om de protestgroep een hart onder de riem te steken. Pascal Brewee zong zijn lied 'Er hangt nog saas on a leppen', waarmee hij het publiek meekreeg. Tony Swings betrad het podium met twee peuters en bracht het liedje 'Miester magg'ek meigoon'.

Na de voorstelling van de kandidaten barstte het feest los. Kamiel en zijn Kamillekes zorgden voor ambiance en Prins Den Bremt bracht zijn beste carnavalsliedjes. De Prinsencaemere bracht een ode aan Jean-Paul, terwijl de Jongens en Maskes van de Verikemert een verhaal brachten over een moeizame thuiskomst na een nachtje stappen. Enrico bracht zijn 'Mexico'-liedje, waarna hij een beeldje overhandigde aan Frans Wauters. Voor Frans werd het zijn laatste Driekoningenfeest, want een paar dagen later werd hij opgenomen in het ziekenhuis, waar hij later overleed.

Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.