Wikia


Iwein en Lauretta openen sinds 1927 de Aalsterse carnavalstoet. Ze kregen hun officiële namen pas sinds 1950, wat ook het jaar was waarin ze met mekaar in het huwelijk traden. Daarvoor werden ze in de volksmond Polydoor & Polydora genoemd. In de beginjaren werden deze reuzen vergezeld door 2 reuzenkinderen: 't Kindeke Baba en een meisje, dat geen naam kreeg. Beide kinderen verongelukten tijdens de stoet; het meisje in 1931 en de jongen in 1948.

Geboorte van het reuzenpaar Edit

In 1927 werd er op vraag van het Feestcomité twee reuzen gemaakt. De reuzen werden bekostigd met de opbrengst van de Handelsfoor van 1927.

Voor het vervaardigen van de reuzen werd een beroep gedaan op twee kunstenaars van de Stedelijke Academie voor Schone Kunstrn: Jan Mulder en Gustaaf Van den Meersche. Jan Mulder zorgde voor het ontwerp, dat Gustaaf Van den Meersche moest Sculpturen.[1] Zij kregen hiervoor een vergoeding van 6.000 Frank. De kleding van deze twee reuzen werden gemaakt door de meisjes van het weeshuis. De twee reuzen kregen geen officiële naam, maar werden door het volk Polydoor & Polydora genoemd, naar het reuzenpaar dat in 1889 gemaakt werd voor de stoet. De twee reuzen waren 4 meter hoog en werden gedragen door twee personen, die mekaar afwisselden. De reuzen werden begeleid door tamboer-majoor Jozef Callebaut en zijn trommelaars van het Bataljon Tamboers.

Er wordt vermoed dat deze twee reuzen vanaf 1929 vergezeld werden van twee reuzenkinderen; een jongen ('t Kindeke Baba) en een meisje. De dochter van het reuzenpaar verdween reeds in 1931, toen haar drager struikelde en de pop stuk ging.

Reuzen 1935

Het reuzenpaar met 't Kindeke Baba in 1935 (Bron: Archief Sören Delclef)

Vanaf 1932 kreeg dit reuzenpaar het gezelschap krijgen van Majoor Cans en de Kat. De reuzen openden jaarlijks de carnavalsstoet, maar in 1948 ging enkel Majoor Cans uit. Het reuzenpaar bleef aan de ingang van het stadhuis staan, omdat hun dragers in staking waren. Ze eisten bovenop hun loon van 150 Frank enkele pinten. Het jaar daarop ging het reuzenpaar weer mee in de stoet, maar verloor het hun zoon 't Kindeke Baba. Aan de Sint-Annabrug werd het reuzenkind omver geblazen door de wind, waardoor het onherstelbaar beschadigd raakte. Het reuzenpaar zou voortaan zonder zoon doorgaan.

Iwein en Lauretta Edit

IMG 0307

Lauretta, 't kindeke Baba en Iwein (Ons Volk - 27/02/1938)

23 Jaar lang liepen de twee stadsreuzen zonder naam rond in de Aalsterse carnavalstoet, tot zij in 1950 plots een naam en een band met mekaar kregen.

Op 1 oktober 1950 werd Alfons de Cock (1850-1921) herdacht; hij was de grondlegger van de volkskunde als wetenschap. Ter ere hiervan werd de 4de Provinciale Cultuurdag in Aalst georganiseerd met op het programma een ommegang van Oost-Vlaamse reuzen, met aan het einde een speciale gebeurtenis: het huwelijk van Iwein en Lauretta.

Na 23 jaar, zonder band, langs mekaar te hebben gelopen in de Aalsterse stoeten, trad het reuzenpaar op 1 oktober 1950 met mekaar in het huwelijk. Meteen kregen de 2 reuzen ook een officiële naam: Iwein van Aalst en Lauretta van Dirk van den Elzas. Het huwelijk werd afgesloten op de Grote Markt door schepen Keymeulen en werd bijgewoond door 60 Oost-Vlaamse reuzen.

Nieuw reuzenpaar Edit

In 1957 werden de gekende Aalsterse reuzen vervangen door een nieuwe versie van de hand van Marc De Bruyn. De reuzen werden opnieuw vergezeld van een Kindeke Baba. Iwein en Lauretta verdwenen naar een magazijn en werden vervangen door Polydoor, Polydora en Polydoorken.

Naar aanleiding van de komst van een carnavalsmuseum werd aangekondigd dat het reuzenpaar naar het Stadsmuseum zou verhuizen. De Stopnoillekes hadden in 1985 een kopie gemaakt van de oorspronkelijke stadsreuzen uit 1927; deze werden in 1988 erkend als officiële stadsreuzen. Het reuzenpaar van Marc De Bruyn verhuisde naar het carnavalsmuseum en werd vervangen door dat van de Stopnoillekes.


Citefout: De tag <ref> bestaat, maar de tag <references/> is niet aangetroffen
Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.