Ajoinpedia


Lotjonslos is een Aalsterse carnavalsgroep die in 1963 ontstond uit een groep studenten van Universitas en sindsdien onafgebroken deelneemt aan de stoet. De groep staat bekend om haar visueel sterke uitbeeldingen, scherpe politieke satire en technisch vernieuwende wagens. Lotjonslos behoort tot de oudste en meest gelauwerde groepen van Aalst Carnaval, met meerdere eerste prijzen en jurybekroningen op haar naam.

De Giesten van ’t Aat Hospitool[]

Lotjonslos 1963

Lotjonslos ontstond eerder toevallig in 1963, toen een groep jonge carnavalisten rechtstreeks van het Katrienenbal naar de zondagstoet trok. Luc De Decker, Wim De Decker, Bob Hemmerijckx, Johan Van Cleemput, Jan Claessen en Etienne D’Hondt waren destijds actief bij Universitas, maar voelden zich daar niet langer thuis en gingen op zoek naar een nieuwe carnavaleske uitdaging. Het zestal trok de zaterdag voor carnaval verkleed naar het bal van de Catharinisten en bleef daar feesten tot in de vroege uurtjes. In een impulsief moment besloten ze enkele uren later, zonder officiële inschrijving, mee te stappen in de stoet als ‘De Giesten van ’t Aat Hospitool’.

De naam Lotjonslos was een ludieke verwijzing naar hun afscheid van Universitas: “Lotj Ons Los Oit Universitas”. Hun spontane deelname stuitte aanvankelijk op weerstand bij enkele stoetcommissarissen, die hen uit de stoet wilden verwijderen. De jonge rebellen riepen toen: “Zeg, lotj ons insj los!” en slaagden erin de secretaris van het Feestcomité te overtuigen om alsnog te mogen deelnemen.

(©Facebookpagina Lotjonslos)

(©Facebookpagina Lotjonslos)

Na die eerste improvisatie besloten Luc, Wim, Bob en Johan om door te gaan met Lotjonslos, maar dan op een meer georganiseerde manier. Ze wilden het anders en vooral beter doen dan bij Universitas, met een eigen wagen en een herkenbare stijl. In die tijd kwamen de meest opvallende groepen vaak van buiten Aalst, en Lotjonslos wilde aantonen dat Aalsterse groepen net zo origineel en spitsvondig konden zijn. Het motto werd dan ook: “studentikoos en carnavalesk”.

Voorzitter Luc De Decker schreef Lotjonslos officieel in voor de stoet van 1964, en het ledenaantal werd uitgebreid tot 19 man. De groep stond bekend als een mannenbastion – tot op heden zijn enkel mannen welkom als lid. Hun eerste officiële thema, ‘Cleopatra in Aloscope’, was een carnavaleske parodie op de bioscoopfilm Cleopatra. Via een maquette werd de wagen zorgvuldig opgebouwd. De groep bracht de figuren Cleopatra en Julius Caesar tot leven met humoristische taferelen en ‘liefdesscènes’ in de stoet. Deze doordachte en visueel sterke aanpak zou het begin vormen van één van de meest invloedrijke en bekroonde carnavalsgroepen uit de Aalsterse geschiedenis.[1]

Lotjonslos 1964 groepsfoto

Exotische thema’s en visueel spektakel[]

Medaille van LOL uit 1971 (©collectie Lieven Goubert)

Medaille van LOL uit 1971 (©collectie Lieven Goubert)

Na hun officiële debuut in 1964 koos Lotjonslos al snel voor een professionele aanpak, wat meteen resulteerde in succes. Dankzij het prijzengeld uit de stoet beschikte de groep over een goed gevulde kas, waarmee ze jaar na jaar de afwerking van hun wagens en kostuums konden verfijnen. In 1965 pakte de groep uit met haar eerste echte praalwagen, rond het thema De Grote Griezel, waarbij een indrukwekkende spin centraal stond.

Lotjonslos viel niet enkel op in de stoet, maar ook daarbuiten. De groep was aanwezig op elk feest en stond bekend om hun originele stunts. Zo richtten ze in 1966 een eigen Aalsterse Raad van Elf op, brachten ze op 1 april 1966 de zogenaamd verloren gewaande zoon van de Zwarte Man terug, en waren ze zelfs te zien op de nationale televisie. Ook internationaal liet de groep van zich horen door te verbroederen met een carnavalsvereniging uit Aken (Duitsland).

1969 Lotjonslos

Na carnaval 1967 zorgden interne strubbelingen ervoor dat het ledenaantal daalde tot 12 actieve leden. Vier stichters verlieten de groep. Onder de impulsen van Rik Van Steenberghe en Dries Bruyninckx koos Lotjonslos een nieuwe artistieke koers, waarbij de focus kwam te liggen op pracht, praal en exotiek. Vanaf dan ging de groep de Zuid-Amerikaanse toer op. Met het thema Kings of the Sun kaapte de groep in 1968 de 1e prijs weg in de stoet. Dit luidde een succesvolle periode in waarin Lotjonslos zich specialiseerde in kleurrijke, exotische thema’s. De humor en satire uit de beginjaren maakten steeds meer plaats voor een visueel totaalconcept.

In deze nieuwe fase speelden een aantal leden een bepalende rol in het artistieke en organisatorische succes van de groep: Rik Van Steenberghe, gevierd Aalsters toneelspeler, Dries Bruyninckx, Jaak Peereboom, Willy Van Mossevelde en Hendrik De Neve. Hun inzet zorgde ervoor dat Lotjonslos uitgroeide tot één van de meest toonaangevende groepen binnen de Aalsterse carnavalstraditie.[2][3][4]

Terug naar komische thema’s[]

Na enkele jaren te hebben gekozen voor pracht en praal, maakte Lotjonslos in 1974 de bewuste keuze om opnieuw in te zetten op komische en carnavaleske thema’s. Ondertussen was Willy Van Mossevelde aangesteld als nieuwe voorzitter van de groep. Ook Bart Corthals, Frans De Meeter, Harry Ongena, Georges De Mette en Dirk François kregen een actieve rol binnen het bestuur. De stoetdansen werden aangeleerd door Fabienne Boon, hoewel zij geen lid kon worden van de groep, aangezien vrouwen niet toegelaten werden bij Lotjonslos.

Dankzij enkele welgestelde leden, die als zelfstandige middenstanders fungeerden, beschikte Lotjonslos over financiële ademruimte. Deze solide financiële basis, gecombineerd met het feit dat de groep ervoor koos om zich niet aan te sluiten bij het Aalsters Karnaval Verbond, leidde aanvankelijk tot kritiek en afgunst van andere groepen. Die spanningen zouden met de jaren verzachten, waardoor LOL meer sympathie won binnen de carnavalswereld. In deze periode kreeg Lotjonslos stevige concurrentie van De Kaloeterskabassen. Elk jaar streden beide groepen om de eerste plaats bij de grote groepen, wat een gezonde rivaliteit tot gevolg had.

1977 lol.5

In 1975 stapte Lotjonslos in de stoet met het thema 't Enje Van De Cirk, wat aanvankelijk aangekondigd werd als hun laatste deelname. Maar door het grote succes en de positieve reacties van het publiek, besloot de groep om toch verder te doen. Dit luidde een traditie van aangekondigde eindes in, waarbij Lotjonslos meermaals liet uitschijnen te stoppen, maar uiteindelijk telkens besliste om door te gaan. De groep verhuisde in deze periode naar een eigen werkhal aan de Ledebaan, in een leegstaand magazijn van verffabriek Van Mossevelde.

De stoet van 1976 betekende een hoogtepunt in de geschiedenis van Lotjonslos. De groep behaalde de eerste plaats bij de grote groepen met een maximumscore van 90 op 90 punten. De overwinning werd echter overschaduwd door awoertgeroep en fluitconcerten van andere groepen tijdens de prijsuitreiking — een teken dat hun succes niet overal op bijval kon rekenen. In 1977 bestond Lotjonslos 15 jaar. Een hardnekkig gerucht ging rond dat de groep met 15 wagens zou deelnemen aan de stoet. Aanvankelijk was dat niet het plan, maar Lotjonslos besloot om het gerucht om te zetten in een uitdaging. Ze bouwden een reeks kleinere wagens in de vorm van struisvogeleieren, waardoor ze effectief met 15 eenheden in de stoet verschenen.

Conflict rond de prinsenwagen van 1978[]

Prins Michel ging de prisenwagen al eens uitproberen begin februari 1978 (©De Voorpost - 03/02/1978)

Prins Michel ging de prisenwagen al eens uitproberen begin februari 1978 (©De Voorpost - 03/02/1978)

Eind 1977 kondigde het Aalsters Karnaval Verbond (AKV) aan dat AKV De Foesjeleers de prinsenwagen zou maken voor Prins Carnaval 1978. Het AKV ging ervan uit dat De Foesjeleers de enige kandidaat was, maar intussen deden geruchten de ronde dat ook LOL – een groep die geen lid was van het AKV – interesse had om de prinsenwagen te bouwen. Aanvankelijk ontkende LOL dit, maar toen Frans Wauters contact opnam met Willy Van Mossevelde, verklaarde die dat de wagen van LOL eenvoudig kon worden aangepast tot prinsenwagen. Het Feestcomité besliste daarop om te stemmen over wie de prinsenwagen mocht vervaardigen. LOL haalde het met 18 tegen 8 stemmen, waardoor het comité de opdracht gaf aan LOL om de prinsenwagen te maken.

Deze beslissing veroorzaakte heel wat wrevel bij de AKV-leden. Meer dan 30 carnavalsgroepen dreigden ermee om te staken, de Fiberfleethal te sluiten en de lopende promotiecampagnes stop te zetten. Uiteindelijk kwam het zo ver niet, maar velen vonden de beslissing oneerlijk. De Foesjeleers waren immers via het AKV al aangeduid en hadden intussen al uitgaven gedaan. Er werd een verzoeningspoging ondernomen tussen het AKV, LOL en het Feestcomité. LOL legde zich neer bij de beslissing van het Feestcomité, dat echter niet bereid was om deze terug te draaien. Als alternatief stelde Wauters voor om de prinsenwagen door de stad Aalst te laten maken, maar de meerderheid van het comité verwierp dit voorstel. Uiteindelijk werd een compromis bereikt: De Foesjeleers mochten de wagen voor de Bloemenfee bouwen, terwijl LOL de prinsenwagen voor zijn rekening nam.

Begin februari 1978 stelde LOL een onafgewerkte versie van hun prinsenwagen voor. Hoewel er nog onderdelen ontbraken, kreeg men al een duidelijk beeld van het concept. Oorspronkelijk wilde LOL een thema rond de Voil Jeanet uitwerken, en hoewel het ontwerp later werd aangepast voor de prinsenwagen, bleef de Voil Jeanet een centrale figuur. Prins Michel Cleemput moest plaatsnemen op een uitgestoken hand van een Voil Jeanet – een hand die 60 graden kon draaien en zich 3,5 meter boven de grond bevond. Vooraan op de wagen stond een clown met zijn hoofd in een trommel. Als Michel zijn plaats op de wagen wilde verlaten, moest hij gebruik maken van een tractor, uitgewerkt als contrabas. De hals van het instrument deed dienst als ladder. Leden van LOL liepen naast de prinsenwagen met kleinere wagentjes, uitgewerkt als muziekinstrumenten.

De prinsenwagen van 1978 met Prins Michel Cleemput (©Facebookpagina Lotjonslos)

De prinsenwagen van 1978 met Prins Michel Cleemput (©Facebookpagina Lotjonslos)

De prinsenwagen bleek in de praktijk minder geschikt. De plaats van de prins was onstabiel, waardoor Michel naar beneden viel toen de wagen plots moest remmen ter hoogte van de Sint-Annalaan. Gelukkig werd hij opgevangen door de clown vooraan op de wagen. Tot overmaat van ramp was de verf nog nat, waardoor Michels kostuum vuil werd. Toen er een wolkbreuk losbrak, kon Michel niet van de wagen af, omdat de tractor met ladder hem niet kon bereiken. Zo stond hij doorweekt in de gietende regen. Toch bereikte hij de Grote Markt, waar hij – in besmeurd kostuum – de scepter overhandigde aan koning Boudewijn, die op bezoek was in Aalst. Voor de maandagstoet besloot Michel niet meer op de prinsenwagen van LOL plaats te nemen. In plaats daarvan liep hij mee met zijn carnavalsgroep, De Kornissesloipers. Een lid van LOL nam toen de plaats van de prins in op de wagen.[5][6]

't Leste Joor?[]

Elk jaar doken er geruchten op dat Lotjonslos ermee zou ophouden. Na carnaval 1978 kondigde Willy Van Mossevelde zelfs aan dat hij zou aftreden als voorzitter. Zijn ontslag bleef echter uit en Willy bleef nog enkele jaren actief aan het roer van de groep. In het carnavalsmilieu ging het gerucht dat LOL zich zou omvormen tot een muzikale groep, maar ook dat bleek niet te kloppen. In 1979 besliste de groep wel om deel te nemen zonder praalwagen, als groep te voet. Ze schaften een oldtimer-brandweerwagen aan en trokken als Schotse drumband door de stoet. Tijdens de popverbranding van dat jaar speelde de groep voor het eerst het emotionele nummer "Amazing Grace". Daarmee zette LOL een nieuwe traditie in gang: vanaf dat moment zou het lied elk jaar weerklinken tijdens de verbranding van de Vastenavondpop. Na carnaval 1982 werd beweerd dat LOL zou terugkeren naar de kleine groepen, maar opnieuw bleek dit slechts een gerucht. Integendeel: de groep groeide in aantal en kwaliteit. Na het stopzetten van De Brikaljongs in 1984, sloten verschillende leden van die groep zich aan bij Lotjonslos. LOL kreeg er zo heel wat wagenbouwers met ervaring bij, wat hun technische capaciteiten aanzienlijk versterkte.

De groep bleef succesvol en in 1986 vierde Lotjonslos haar zilveren jubileum in de zaal van het RIBSO (Rijksinstituut voor Bijzonder Secundair Onderwijs) aan de Molendreef. Voor de gelegenheid werd Frans Van Volsem, voorzitter van de Persbond van de Denderstreek, uitgenodigd als gastspreker. De muzikale omlijsting werd verzorgd door het Dixieland-orkest The Feetwarmers. Tijdens deze feestavond werden de leden van LOL in de bloemetjes gezet door schepen Julien Vinck, als blijk van waardering voor hun blijvende inzet binnen het Aalsterse carnaval. In 1987 nam Lotjonslos voor de 25ste keer deel aan de stoet – een nieuwe mijlpaal voor de groep die ondanks de jaarlijkse geruchten telkens weer haar plaats opeiste in het hart van de Aalsterse carnavalstraditie.

Strijd met Schiefregt'oever[]

(De Voorpost - 03/04/1987)

(De Voorpost - 03/04/1987)

Na jarenlang een gezonde rivaliteit te hebben uitgevochten met groepen als De Kaloeterskabassen en De Brikaljongs, kreeg Lotjonslos midden de jaren '80 een nieuwe geduchte concurrent: Schiefregt’oever (SRO).

In 1987 werd Schiefregt’oever uitgeroepen tot winnaar bij de grote groepen, terwijl Lotjonslos genoegen moest nemen met de tweede plaats. Kort na de prijsuitreiking kwam echter aan het licht dat de deurwaarder een fout had gemaakt bij het optellen van de punten. Door het natte weer waren sommige cijfernotities van de jury onleesbaar geworden, wat leidde tot een foutieve telling. Na een hertelling bleek dat Lotjonslos en Schiefregt’oever exact evenveel punten hadden verzameld. De eerste plaats werd daarop gedeeld tussen de twee groepen. Als ludieke reactie op het incident plaatste Lotjonslos tijdens de nacht van 31 maart op 1 april 1987 een groot telraam aan het standbeeld van Dirk Martens, met het bordje: “Dankewel Vèr Den Tel” – een typische 1 aprilgrap in Oilsjterse stijl.

1992 13 jaar SRO met LOL(3) ajoinpedia

De jaren daarna werd de strijd tussen beide groepen steeds heviger, maar bleef sportief en speels. In 1988, 1989 en 1990 moest Lotjonslos telkens opnieuw de duimen leggen voor Schiefregt’oever, die zich drie jaar op rij tot winnaar kroonde. Toch bleef de band vriendschappelijk, met hier en daar een ludieke prik over en weer. Op 14 februari 1992 organiseerde Schiefregt’oever een feestavond onder de noemer "Ludieke Oilsjterse Lotjonsvoesjdoeng-viering", in De Coninck Van Spagniën op de Grote Markt. De gelegenheid? De 13de verjaardag van Schiefregt’oever én de 30ste verjaardag van Lotjonslos. De avond werd geopend door Jo Van den Wijngaerde (SRO), waarna hij het woord gaf aan Antoine Van der Heyden, die de geschiedenis van Lotjonslos uit de doeken deed. Jo overhandigde geschenken aan de echtgenotes van de LOL-leden en gaf vervolgens de wisseltrofee ‘Fons Singelijn’ door aan Willy Van Mossevelde, met de woorden: "Profiteer ervan, want in maart moet je deze trofee weer afgeven." Uit erkentelijkheid kreeg elk lid van Lotjonslos ook een foto van de trofee voor thuis. Jo sloot zijn toespraak af met de memorabele zin: "Wille Willy wijzer wezen, Willy ware weg, want wijle willen weer winnen." Willy Van Mossevelde antwoordde dat hij pijnlijk getroffen was door de afwezigheid van SRO op de officiële viering van 30 jaar Lotjonslos, maar beloofde dat LOL present zou zijn bij SRO’s 30-jarig bestaan, “al moesten ze met krukken komen.”

Het 30-jarig bestaan van Lotjonslos werd begin 1992 gevierd in Cultureel Centrum De Werf, onder de noemer ‘’t Is Weir ’t Leste Joar’. Het werd een avondvullend showprogramma met optredens van De Frivole Framboos en Peter Hens. Willy Van Mossevelde voorzag een commentaar bij een reeks dia’s die de geschiedenis van de groep belichtten. Verschillende gastsprekers brachten hulde aan de groep. Jean-Paul De Boitselier schreef speciaal voor de gelegenheid een nieuw feestlied, op de melodie van zijn gekende carnavalsnummer “Loze Lozo Lozi Lozano”. Het refrein luidde: "Kei’eir da foitelek veirestellen as ge insj goe begintj te tellen. ’t Es over derteg joor begost, ten woare ze nog nie gekost. Mor noa ’t verloeip van e poor joaren, woare ze zeir de groeite tenoren. Want in de stoet elk joor vedrom, zoi iederien zonder pardong. Lotjonslos is weir de pompom."[7]

Koninklijke groep[]

In aanloop naar Aalst Carnaval 1999 kreeg Lotjonslos versterking van Kurt Heerman, voormalig boegbeeld van Klet-Marjet. De groep bouwde haar wagen dat jaar in een loods aan de Termurenlaan, met Herman Backaert als koppenmaker van dienst. De indrukwekkende wagen van 1999 bleek echter een financiële kater met zich mee te brengen. Na carnaval hing het voortbestaan van de groep aan een zijden draadje. Om de schulden weg te werken, moest LOL een jaar lang eetfestijnen en evenementen organiseren. Een stopzetting werd overwogen, maar begin 2000 werd alsnog beslist om door te gaan. Een kern van 25 leden, onder leiding van Emiel Delens, nam het voortouw voor de bouw van een nieuwe wagen.

In 2002 vierde Lotjonslos haar 40-jarig bestaan en deed dat in stijl. Voor hun wagen reconstrueerden ze zowel het Ros Balatum als het Ros Beiaard, aangevuld met talloze kleine paardjes in de stoet – een visueel spektakelstuk dat indruk maakte, maar ook duur was. In 2003 besloot de groep het wat rustiger aan te doen. De groep Oepen en Toepen speelde hier ludiek op in door een collecte voor LOL te organiseren. Volgens hen was de financiële toestand van LOL niet bepaald rooskleurig, dus richtten ze de fictieve LOL-lijn op, een denkbeeldig telefoonnummer voor donaties aan Lotjonslos. Bovendien schonken ze een deel van hun geldprijs aan de groep. Leuk detail: Willy Van Mossevelde was dat jaar peter van de wagen van Oepen en Toepen.

50 Joor Lotjonslos

Rond 2012 was Lotjonslos uitgegroeid tot de oudste actieve carnavalsgroep van Aalst en keek ze uit naar haar 50-jarig bestaan. In januari 2012 werd de groep gehuldigd op het stadhuis. Tijdens de stoet pakten ze uit met een satirische versie van de koninklijke familie, een knipoog naar hun symbolische koninklijke status binnen het Aalsterse carnaval. Hoewel Lotjonslos in haar jubileumjaar niet de eerste prijs wegkaapte – ze moesten De Lodderoeigen en Possensje laten voorgaan – wonnen ze wel de prestigieuze Groeite Prois De Moikes.

Tijdens het jubileumjaar kondigde voorzitter Willy Van Mossevelde aan dat hij er definitief mee zou stoppen. Aanvankelijk werd dit met enige scepsis onthaald, aangezien Willy al vaker zijn afscheid had aangekondigd. Dit keer was het echter menens. Willy had toen 42 jaar het voorzitterschap van Lotjonslos gedragen en vond dat hij alles bereikt had wat er te bereiken viel. Samen met een aantal leden van de oude garde verliet hij de groep en richtte een nieuwe losse groep op onder de naam Bjein Treizen.[8][9][10][11]

Nieuwe koers[]

Na het afscheid van Willy Van Mossevelde in 2012 werd er volop gespeculeerd over het voortbestaan van Lotjonslos. Geruchten dat de groep zou stoppen, werden echter snel de kop ingedrukt toen Frank Van Impe werd aangesteld als nieuwe voorzitter. Er werd een nieuwe lichting leden binnengehaald, en LOL zette koers naar een verjonging en vernieuwing. In de stoet van 2013 kondigde de groep haar nieuwe richting aan met het thema: “Sans Rancune – na 50 jaar vaart LOL een andere koers”. Dit was een directe verwijzing naar de woorden van uittredend voorzitter Willy Van Mossevelde, die verklaarde “zonder rancune” de groep te verlaten om Bjein Treizen op te richten. Voortaan zou Lotjonslos resoluut kiezen voor humoristische thema’s, met ambiance als leidend kenmerk in hun stoetdeelname.

Hoewel LOL ook tijdens deze periode hoog scoorde in het klassement, liet een nieuwe eerste plaats enige tijd op zich wachten. Possensje en De Lodderoeigen groeiden uit tot de voornaamste concurrenten. In 2016elf jaar na hun vorige overwinning – wist Lotjonslos opnieuw de eerste prijs bij de grote groepen te veroveren. Drie jaar later, in 2019, herhaalden ze dat succes met hun thema rond de 100-jarige viering van Eendracht Aalst. Na carnaval 2019 gaf Frank Van Impe de fakkel door en werd Kurt Heerman aangesteld als nieuwe voorzitter van de groep.

In 2019 werkte Lotjonslos mee aan een proefproject van de stad Aalst, waarbij carnavalsgroepen werden gestimuleerd om hun wagens met elektrische aandrijving voort te bewegen. Hoewel het stadsproject na carnaval stilletjes werd afgevoerd, besliste Lotjonslos in 2020 om zelfstandig door te zetten met duurzaam rijden. Als enige groep koos LOL toen voor volledig elektrische aandrijving in de stoet, ondanks het hoge kostenplaatje. Daarmee profileerde Lotjonslos zich opnieuw als trendsetter, zoals ze dat al vaker in hun geschiedenis waren geweest.

60 jaar Lotjonslos[]

Lotjonslos cover boek

In 2022 vierde Lotjonslos haar 60-jarig bestaan. Ter gelegenheid van dit diamanten jubileum bracht de groep een rijk geïllustreerd boek uit over haar kleurrijke geschiedenis. Voor de samenstelling deed men een beroep op Geert De Wolf, die er een magisch inkijkboek van maakte, gevuld met geestige vertelsels en oude én nieuwe beelden. Het boek kreeg de titel “De Apenjaren van Lotjonslos” en was verkrijgbaar vanaf 4 december 2021. Het bevatte bijdragen van onder andere: Christoph D’Haese, Stefaan De Winter, Nicole Ringoir, Antoine Van der Heyden, Dirk Verleysen, Anny Aelbrecht, Koen De Vogelaere, Michel Cleemput, Piet Buyse en Johan Velghe. De voorstelling van het boek vond plaats in Utopia. Tijdens het evenement werd er op ludieke wijze een liveverbinding gelegd met Piet Buyse in Dendermonde – zogezegd via een speciaal uitgestuurde zendwagen. Het boek werd plechtig opgedragen aan Ilse Uyttersprot, Kamiel Sergant en alle overleden Lotjonslossers.

Het diamanten jubileumjaar viel echter midden in de coronacrisis, waardoor er slechts bescheiden kon worden gevierd. Ook in de stoet kon het feest niet doorgaan, aangezien Aalst Carnaval voor het tweede jaar op rij werd geannuleerd door de pandemie. Toch liet Lotjonslos het hoofd niet hangen. De groep bleef werken in hun hangaar, telkens wanneer de maatregelen het toelieten, vastbesloten om hun jubileum toch op hun eigen manier invulling te geven.

Voor Aalst Carnaval 2023 kreeg Lotjonslos een bijzondere uitdaging voorgeschoteld van Prins Yordi, die dat jaar niet alleen Prins Carnaval was, maar ook klimaatambassadeur van de stedelijke basisschool ’t Hofje. In het kader van zijn duurzame missie daagde hij Lotjonslos uit om de meest milieuvriendelijke praalwagen uit hun geschiedenis te bouwen. De groep ging de uitdaging vol enthousiasme aan en werkte maandenlang aan een technisch vernieuwend en ecologisch verantwoord ontwerp. Dankzij hun inspanningen — met onder meer duurzame materialen, elektrische aandrijving en energiezuinige technieken — wisten ze deze missie met glans te volbrengen. Als erkenning voor hun inzet werd Lotjonslos in 2023 bekroond met de Duurzaamheidsprijs van de stad Aalst, een prestigieuze onderscheiding die hen nogmaals bevestigde als voorloper op vlak van innovatie binnen het Aalsters carnaval.

Ludieke acties[]

De activiteiten van Lotjonslos beperkten zich nooit enkel tot de carnavalsperiode. Doorheen de jaren onderscheidde de groep zich met tal van ludieke acties, waarmee ze het Aalsterse stadsleven kleur gaven — en vaak ook de spot dreven met politiek, rivalen en actualiteit.

De Raad van Elf (1966)[]

In 1966 lag Lotjonslos mee aan de basis van een poging tot de oprichting van een Aalsterse Raad van Elf. Samen met Fritz Van der Stock en De Flieramoizen trokken ze op studiereis naar Aken, waar ze kennismaakten met het Duitse carnaval en het concept van een Raad van Elf die instond voor de organisatie van het volksfeest. Terug in Aalst groeide het idee om een eigen Aalsterse Raad van Elf op te richten, los van politieke inmenging en zonder de ambitie om te concurreren met het bestaande Feestcomité. De nieuwe Raad zou volgens de initiatiefnemers dienen als een aanvullend platform dat alle goede ideeën, vernieuwingen en initiatieven zou bundelen en samen met het Feestcomité zou verwezenlijken.

De drijvende krachten achter het initiatief waren van mening dat het Feestcomité te weinig betrokken was bij het carnaval, te veel middelen verspilde en vernieuwing afblokte. Ze stoorden zich aan de politieke dominantie binnen het comité, die volgens hen weinig affiniteit had met de carnavalsbeleving van de Aalstenaars. De Raad van Elf moest daarom het hele jaar door actief blijven en zich inzetten voor de inhoudelijke en organisatorische versterking van het carnavalsfeest. De nieuwe structuur werd ontworpen in samenwerking met de A.K.V.’s en de stadsdekenijen, met als doel de verwaterde carnavalsvieringen in de stad nieuw leven in te blazen. Er werd gedacht aan feestvergaderingen, contacten met de toneel- en perswereld, toeristische promotie en het organiseren van studiereizen naar andere carnavalssteden.

Ondanks de ambitieuze plannen kwam het idee echter nooit echt van de grond. De Raad van Elf bleef steken in de planningsfase en stootte op hevig verzet van het Aalsterse Feestcomité, dat het initiatief als een bedreiging beschouwde voor haar rol binnen het carnaval. Zo bleef de Raad van Elf uiteindelijk een voetnoot in de geschiedenis van Aalst Carnaval, maar wel één waarin Lotjonslos opnieuw zijn pioniersrol bevestigde.

1 april 1966: De zoon van Dirk Martens[]

(Het Nieuwsblad - 02/04/1966)

(Het Nieuwsblad - 02/04/1966)

Op 1 april 1966 voerde Lotjonslos één van haar eerste en meest iconische 1 aprilgrappen op. In de nacht van 31 maart op 1 april plaatste de groep een pop op het voetstuk naast het standbeeld van Dirk Martens. De actie was op voorhand aangekondigd aan de burgemeester, die met een knipoog toestond dat de grap doorging.

De pop stelde de “verloren zoon” van Dirk Martens voor. Aan zijn voeten prijkte een plakkaat met de tekst: "Ik ben zen boitenechtelek kindj. Lotjonslos ei me gevindj." Het was meteen een krachtig signaal dat LOL niet alleen meedraaide in de stoet, maar ook doorheen het jaar voor leven in de Aalsterse brouwerij zorgde.

Het Voorcriterium (1968)[]

In 1968 organiseerde Lotjonslos voor het eerst een voorcriterium ter gelegenheid van het wielercriterium in Aalst. Met deze ludieke actie wilden ze de toeschouwers opwarmen voor de aankomst van de echte renners. Gewapend met eigen fietsen, verkleedpartijen en satire trokken ze het parcours op als een komisch voorspel op de sportieve prestatie.

De actie viel in de smaak en vormde het begin van een traditie, waarbij Lotjonslos ook in de jaren nadien regelmatig de show stal tijdens het criterium, steeds met humoristische en originele interventies die het sportieve gebeuren een carnavaleske toets gaven.

De protesterende LOL-kontestanten (1975)[]

(©De Voorpost - 25/07/1975)

(©De Voorpost - 25/07/1975)

Tijdens het natourcriterium van 1975 voerde Lotjonslos een opvallende ludieke actie uit als protest tegen de geplande fusie van de gemeenten. De groep hing aan de belforttoren een spandoek met de tekst "L’Alostois Libéré", en verspreidde een pamflet onder de naam “L’Alostois Libéré – De Losgelaten Oilsjteneer”.

In het pamflet verwittigde Lotjonslos de nieuwe Oilsjteneers uit de randgemeenten dat de stad Oilsjt zich op tijd zou losrukken. Op ironische wijze gaven ze een overzicht van typische Aalsterse feestdagen, waarbij ze benadrukten dat deze tradities niet thuishoorden in een gefusioneerde grootstad. De tekst, opgesteld in het Oilsjters dialect, ging als volgt: "Met de fusie willemmen de nieve Oilsjteneers ervan verwittigen dammen in ons Oilsjt op toid neker lostrekken. De nieve roike Oilsjteneers oit de randgemintjen van ons groeitstad willemen wel op d'hoeigte brengen van de doagen da d'Oilsjt losgeloaten werd."

En verder:

  1. Droi Keiningen: Drinken en eiten ver niet.
  2. Prinsjenverkiezing: Riezje moaken om termiest.
  3. Karnaval: Lol, drinken, drinken, drinken... en oeik al de rest.
  4. Oilsjt Keiremis: Aal d'Oilsjteneers zen me vakanze en ten kommen die van de randgemintje iesj bennons.
  5. Kriterium: Prot aha steiren. Lotj ons moar los.
  6. Joarbezze: Neigen doagen programmas dazze in Eiremboedegem, Moeisel en omstreiken twie doagen doarveir gegeiven emmen.
  7. Sjintje Metten: Veil kroigen en niet geiven.
  8. Onnoezele Kinjerdag: Idereien ropter tzoin oit."

Als uitsmijter schreven ze: "Weir emmen in Oilsjt oeik ne speciolen dag. Mor das om de zes joar. Ten ist den dag van de derpspolitiekers en dienen dag ziede 't mieste moilentrekkers rondkoersen."[12]

De terugkeer van Majoor Cans (1989)[]

1989 Stopnoillekes Ons Paula Majoor Cans

In 1989 blies Lotjonslos nieuw leven in de legendarische Aalsterse reus Majoor Cans. De groep bouwde een nieuwe versie van de reus, volledig vervaardigd uit kippengaas en gelijmd papier, volgens de klassieke techniek van carnavalspoppen. Het doel was om Majoor Cans opnieuw een plaats te geven in de Aalsterse carnavalsstoet, waar hij dat jaar trots meeliep naast Ons Paula. Na carnaval schonk Lotjonslos de reus aan De Stopnoillekes, met de bedoeling dat zij het beheer zouden overnemen.

De Stopnoillekes reageerden echter teleurgesteld: ze hadden gehoopt de reus zelf te mogen bouwen en vonden het geschonken exemplaar te kwetsbaar voor langdurig gebruik. Ze weigerden het beheer op zich te nemen en stuurden Majoor Cans terug naar Lotjonslos. De herboren reus belandde uiteindelijk op de vuilnisbelt, na slechts één deelname aan de stoet. Het incident leidde tot een klein relletje tussen beide groepen en betekende meteen het einde van deze kortstondige wederopstanding van Majoor Cans.

Rivaliteit met Dendermonde[]

Aalst eist arrondissementsrechtbank - Lotjonslos

Lotjonslos is zonder twijfel één van de carnavalsgroepen die de historische vete tussen Aalst en Dendermonde levendig weet te houden. Met scherpe satire en ludieke acties namen ze in meerdere stoeten het Ros Beiaard en de stad Dendermonde op de korrel. De eerste keer gebeurde dat al in 1966, toen de groep in de stoet reageerde op de toewijzing van de zetel van het gerechtelijk arrondissement aan Dendermonde. Op hun wagen vroegen de Lotjonslossers op ludieke wijze een eigen arrondissementsrechtbank voor Aalst. Dendermondse paardenkoppen werden daarbij symbolisch veroordeeld tot de verstikkingsdood in hun eigen paardenvijgen — een duidelijke sneer naar het Ros Beiaard. Deze satire maakte dat Lotjonslos al vroeg een naambekendheid verwierf binnen het Aalsterse carnaval.

1990 - Lotjonslos - Boerenommegang

Pas in 1990 was Dendermonde opnieuw het mikpunt van spot. Met het thema “Den Boerenommegang” onthulde Lotjonslos het zogezegde ware verhaal van het Ros Beiaard: volgens Willy Van Mossevelde waren de vier Heemskinderen gewoon boerenjongens. Om hun boodschap kracht bij te zetten, ontwierp Rik Van Steenberghe een affiche die sprekend leek op die van de officiële Ros Beiaardommegang. Enkel de inhoud was lichtjes aangepast: de datum werd vervangen door 25 februari 1990 (de dag van Aalst Carnaval), en onderaan stond “Boerenommegang”. De affiches werden overal tussen Aalst en Dendermonde opgehangen, tot de Dendermondse politie tussenbeide kwam en een proces-verbaal opstelde wegens wildplakken.

In 2002 werkte Lotjonslos haar meest iconische Dendermondse parodie uit: het resultaat van een dekking tussen het Ros Beiaard en het Aalsterse Ros Balatum. Volgens de groep was het Ros Beiaard een merrie, en het Ros Balatum een hengst. Hun samenzijn zou hebben geleid tot twaalf kleine paardjes, die in de stoet werden voorgesteld. Als aanloop naar het thema trok LOL in november 2001 met het Ros Balatum naar de Grote Markt van Dendermonde, in een poging om de dekking te laten plaatsvinden. Het Ros Balatum raakte echter niet voorbij de poort van de opslagplaats van het Dendermondse ros. De mislukte ontmoeting werd gefilmd en vertoond tijdens de viering van 40 jaar Lotjonslos in CC De Werf.

Grootschen rouwavond Lotjonslos

In 2018 stelde Lotjonslos dat het Ros Beiaard versleten was door ouderdom en houtworm. Ze organiseerden een “Grootschen rouwavond” in zaal Arty Party, waarbij Piet Buyse (burgemeester van Dendermonde) en Christoph D’Haese (burgemeester van Aalst) ludieke speeches gaven. Op de rouwavond stond een kapel met een urne waarin zogezegd de resten van het ros bewaard werden. In de stoet van 2018 bracht LOL de Laatste Ommegang van het Ros Beiaard: het paard lag op zijn rug, en burgemeester Buyse leidde de begrafenisstoet op de LOL-wagen.

De meest recente episode volgde in mei 2022, toen Lotjonslos een nieuwe, zelfgemaakte paardenkop voor het Ros Beiaard aanbood aan de stad Dendermonde. Burgemeester Piet Buyse nam het cadeau met een knipoog in ontvangst en nodigde de groep uit op het gemeentehuis. De Dendermondse diensten gebruikten de kop uiteindelijk niet, maar deze kreeg in 2023 toch een tweede leven: Beschomt verwerkte de paardenkop in hun stoetthema rond het Ros Beiaard.[13]

Muziek[]

Lotjonslos Ons Lieken.jpeg

Muziek is altijd een belangrijk onderdeel geweest van de werking en identiteit van Lotjonslos. Ter gelegenheid van hun 20-jarig bestaan bracht de groep in 1981 haar eerste vinylsingle uit. Op de A-kant stond het nummer “Ons Lieken”, op de B-kant het komische “Tingelingeling”. Naar aanleiding van deze release mocht Lotjonslos dat jaar “Ons Lieken” live brengen tijdens de prinsenverkiezing, waarmee het liedje een vaste waarde werd in het carnavalsgeheugen van Aalst.

In 1984 en 1985 volgden een tweede en derde plaatje, telkens in samenwerking met Freddy Grey. De opnames waren een echte groepsinspanning waarbij onder meer Marc Boone, Bart Corthals, Frans De Meeter, Georges De Mette, Filip De Paepe, Etienne De Ridder, Leo De Wilde, Etienne Dierickx, Harry Ongena, Jaak Pereboom, Rudi Swolfs, Maxim Vanderrijst, Willy Van Mossevelde, Jan Van Steenberghe en Rik Van Steenberghe betrokken waren.

In 2015 bracht LOL haar eerste cd uit, een muzikale terugblik met een selectie van historische nummers, stoetliedjes en een herwerkte versie van “Ons Lieken”. Deze release werd enthousiast onthaald bij zowel oudere als jongere fans van de groep.

In januari 2023 dook Lotjonslos op in de digitale wereld met de lancering van een nieuw liedje via YouTube: “’t Bifstiksken” – een humoristisch nummer in de typische stijl van de groep, waarmee ze wederom bewezen dat muzikale satire tot hun vaste arsenaal behoort.

Platen (single)[]

Lotjonslos bracht in de jaren '80 drie singles uit, telkens in het kader van hun jubileumvieringen of als creatieve uitlaatklep van hun muzikale kant.

Jaar A-kant B-kant Label
1981 Ons Lieken Tingelingeling Twinkle
1984 Ze Kennen De Pot Op (met Freddy Grey) Nashville Cats Tune (met Freddy Grey W.B. Sound
1985 Vastelouved Es A Stiksken Van Ons Leven (met Freddy Grey) Ik Em Ne Koter (met Freddy Grey) W.B. Sound
Aalst_Carnaval_-_Lotjonslos_-_Ons_Lieken

Aalst Carnaval - Lotjonslos - Ons Lieken

CD Lotjonslos

Ons Liekes (CD – 2015)[]

Ter gelegenheid van hun rijke muzikale geschiedenis bracht Lotjonslos in 2015 de cd Ons Liekes uit. De cd bundelde een selectie van historische nummers, stoetliedjes en een herwerkte versie van hun klassieker Ons Lieken. Het album is een muzikale tijdscapsule die de evolutie van de groep weerspiegelt.

Nr. Lied Jaar
1 Ons Lieken 1981
2 50 Joar jubelée 2012
3 Souk de mert 2014
4 Tingelingeling 1981
5 Kloizen keiremis 2015
6 Sarkowie? 2009
7 't Fistjen van LOL 2012
8 La Brabançonne 2008
9 Bjein treize 2012
10 Sans rancune 2013
11 Ons lieken (anno 2015) 2015

Thema's en prijzen[]

Overzicht[]

Jaar Thema Categorie Resultaat Nevenprijzen
1964 Cleopatra in Alostocope Aalsterse groepen 2e prijs
1965 De Grote Griezel Aalsterse groepen 1e prijs met gelukwensen van de jury
1966 De Gerechtelijke Hervorming Aalsterse groepen - Wagen met muziek 1e prijs met gelukwensen van de jury
1967 Groot Oilsjt Aalsterse groepen - Wagen met muziek 2e prijs
1968 Kings Of The Sun Aalsterse groepen - Groepen met wagen 1e prijs met gelukwensen van de jury
1969 Drakovoelantus onbekend
1970 De Stadsschouwburg In't Woater Gevallen onbekend
1971 Fantasia Buiten wedstrijd bijzondere vermelding voor fantasie
1972 10 Joar Lotjonslos onbekend
1973 Lotjvoegellos Buiten wedstrijd gelukwensen van de jury voor de exotische uitbeelding
1974 De Poesjanellentoeren Groepen met praalwagen 1e op 31 groepen
1975 't Enje Van De Cirk Groepen met praalwagen 1e op 33 groepen
1976 Peirespietpompkeireken Groepen met praalwagen 1e op 34 groepen
1977 ’s Lands Face Groepen met praalwagen 1e op 29 groepen
1978 Prinsenwagen Buiten wedstrijd zonder klassement
1979 Drumband Schief en Schots Groepen zonder praalwagen 1e op 17 groepen
1980 Aan ‘n Droiken Groepen met praalwagen 3e op 28 groepen
1981 Ze Komen Deraan Groepen met praalwagen 2e op 33 groepen
1982 20 Joor... Tsjuu ‘t Es Lank Groepen met praalwagen 1e op 28 groepen
1983 Les Roffelde Boem Boem Citoyen de Joseph Désiré Modest Groepen met praalwagen 4e op 34 groepen
1984 Fiskale Amnestie Groepen met praalwagen 2e op 35 groepen
1985 Hij Komt... Groepen met praalwagen 1e op 26 groepen
1986 De Chunnel... ‘t  Kan Aal: der Onder Of Oever Grote groepen 1e op 22 groepen
1987 A Passage To Belgium Grote groepen 1e op 24 groepen
1988 Op Zoek Naarhet Beloofde Land Grote groepen 2e op 25 groepen
1989 Dacoste Grote groepen 2e op 16 groepen
1990 Boerenommeganck Grote groepen 2e op 19 groepen Prijs Willy Van Mossevelde
1991 Te Deum Grote groepen 1e op 18 groepen
1992 M.A.D.R.I.D.? Grote groepen 1e op 15 groepen
1993 Assegoensjtag Grote groepen 1e op 15 groepen
1994 De Lesten Bloost de Kees Oit Grote groepen 3e op 14 groepen
1995 We’ll Meet Again Grote groepen 1e op 15 groepen
1996 De weven van Lotjonslos Grote groepen 1e op 15 groepen
1997 Rule Brittannia Grote groepen 6e op 14 groepen
1998 Bê Chez Laurent! Grote groepen 2e op 14 groepen de Groeite Prois De Moikes
1999 De Jacht Op Prins Filip Grote groepen 1e op 13 groepen
2000 The Belgian Soap Opera Grote groepen 2e op 12 groepen
2001 125 Jaar Spuitwater (Oilsjterse Brandweer) Grote groepen 3e op 10 groepen
2002 De Worp van ‘t  Ros Grote groepen 1e op 11 groepen Satellietprijs
2003 Twee wordt één (de trouw van Prins Laurent) Grote groepen 3e op 13 groepen
2004 'n Olivier Grote groepen 4e op 12 groepen
2005 Wiezewiezewies Bombom Grote groepen 1e op 10 groepen Prijs Willy Van Mossevelde, Pitouprijs
2006 De Vrhfstd Grote groepen 2e op 11 groepen
2007 Oma's Aan De Top Grote groepen 3e op 11 groepen
2008 La Brabançonne Grote groepen 2e op 11 groepen de Groeite Prois De Moikes
2009 Sarkowie? Les garçes presidentielles de Sarko Grote groepen 3e op 12 groepen Pitouprijs
2010 Trammelant Grote groepen 2e op 12 groepen
2011 Mogen Wij Nu Binnen Grote groepen 10e op 12 groepen
2012 Koninklijke LOL Polonaise Grote groepen 3e op 12 groepen 1e prijs Grote Groepen - Oitgeranzjeirde jury, de Groeite Prois De Moikes
2013 Sans Rancune Grote groepen 3e op 13 groepen
2014 Op Souk Nor De Mèrt Grote groepen 3e op 11 groepen
2015 Kloizen Keiremis - Groeite Prois Chipper Grote groepen 2e op 12 groepen
2016 Oilsjt Mobiel, weir vliegen d'er oever Grote groepen 1e op 11 groepen 1e prijs Grote Groepen - Oitgeranzjeirde jury, de Groeite Prois De Moikes
2017 't Go Rap Grote groepen 5e op 11 groepen
2018 De Lesten Ommegank Grote groepen 3e op 11 groepen 1e prijs Grote Groepen - Oitgeranzjeirde jury, de Groeite Prois KBA
2019 En Van Je Hop$a$a ... Grote groepen 1e op 12 groepen 1e prijs Grote Groepen - Oitgeranzjeirde jury, Prijs Luk Line, Prijs Delforge
2020 OOOORDER OOOOOOORDER!!! Grote groepen 3e op 12 groepen
2023 Bal Zjénéral Grote groepen 1e op 12 groepen 1e prijs Grote Groepen - Oitgeranzjeirde jury, de Groeite Prois KBA, Duurzaamheidsprijs Stad Aalst, Prijs Delforge
2024 E Viééééé Fabiolaaaaaa…… Olé! Grote groepen 5e op 11 groepen
2025 Weirk van langen oosem! Grote groepen 5e op 10 groepen

*In 2021 en 2022 ging Aalst Carnaval niet door wegens de Coronapandemie.

Thema's per jaar[]

1964: Clepopatra in Alstocope[]

Lotjonslos maakte in 1964 haar officiële debuut als carnavalsgroep met het thema “Clepopatra in Alstocope” — een parodie op de toenmalige Hollywoodfilm Cleopatra met Elizabeth Taylor en Richard Burton. In Dobbelvision en Alostocope-color brachten ze een speelse, absurdistische herwerking van het liefdesverhaal tussen Cleopatra en Marcus Antonius, waarbij vooral de vrijpartij tussen beiden centraal stond.

1965: De Grote Griezel[]

Griezel... Griezellig... Griezeligst! Na het succes van hun debuutjaar volgde in 1965 een tweede Lotjonslos-productie: “The Great Griezel”. In een duisterer decor dan dat van het oud-gasthuis dompelde de groep de stoet onder in de sfeer van Hollywoods Golden Bibberfilms. Met ketens, kreten, vleermuizen, druipende kaarsen, bloedvlekken en witte lakens trokken ze als levende horrorclichés door de Aalsterse straten. Karakters als Frankenstein, Dracula en Quasimodo herleefden op carnavaleske wijze, en vormden een herwerking van hun griezelthema uit 1963, dit keer in een meer uitgewerkte en visueel krachtige versie.

Het spektakel kreeg nog een extra anekdotisch kantje toen de groep vlak voor de Grote Markt te maken kreeg met wielbreuk. Een creatief lid wist raad: hij leende een wiel van een geparkeerde Mercedes in de buurt. De eigenaar keek stomverbaasd toe hoe zijn wiel de Grote Markt opreed — onder een griezelwagen van Lotjonslos. Een sterk staaltje van improvisatie, helemaal in de geest van Oilsjterse carnavalshumor.

1966: De Gerechtelijke Hervorming[]

In 1966 haakte Lotjonslos in op een actueel en gevoelig thema: de gerechtelijke achterstelling van Aalst ten opzichte van Dendermonde. De discussie rond het zogeheten “plan van Reepinghen” en de mogelijke overheveling van de Aalsterse rechtbank naar Dendermonde bracht heel wat ongenoegen teweeg in de stad. Lotjonslos greep deze situatie aan om er een scherpe, maar studentikoos-humoristische uitbeelding van te maken in de carnavalstoet. De groep eiste op ludieke wijze een eigen arrondissementsrechtbank voor Aalst en besloot deze dan maar zelf op te richten in een oud pand in de Pontstraat. In de stoet verbeeldden ze hun visie op gerechtelijk herstel met een eigenzinnige rechtbankoptocht, waarin ook het lot van de Dendermondse paardenkoppen niet gespaard bleef. Deze werden symbolisch veroordeeld tot de dood in paardenvijgen, mochten zij zich nog met Aalsterse gerechtigheid bemoeien.[14]

1967: Groot Oilsjt[]

In 1967 liet Lotjonslos opnieuw haar scherpe gevoel voor lokale satire spreken. Na hun pleidooi voor een eigen rechtbank in 1966, richtten ze dit jaar het fantasieproject Groot Oilsjt op: een megalomane fusie van Aalst met alle omliggende gemeenten, samengebracht onder het gezag van de keizerlijke moederstad. Op hun wagen zat burgemeester Blanckaert hoog op een troon, omringd door de nederige burgemeesters van de randgemeenten, die – letterlijk – aan zijn voeten zaten. In deze spotversie van de gemeentefusie was het Moilebeiks de voertaal, kwam er één landhuis, één burgemeester en bovenal: één officiële kermis – carnaval.

Lotjonslos liet het niet bij bestuurlijke satire. Ze schoot ook met scherp op het Aalsters Karnaval Verbond en Keizer Kamiel, en hekelde de wildgroei van verklede groepen die het hele jaar door evenementen aangrepen om zich in carnavalstenue te hijsen. Volgens LOL verwaterde dit de kracht van carnaval, dat zijn magie net put uit zijn jaarlijkse explosie van zotternij.

1968: Kings Of The Sun[]

Voor het zesde jaar op rij was Lotjonslos present in de stoet, en ditmaal met een stapje terug in de tijd. In plaats van in te zoomen op de actualiteit, trok de groep richting Oud-Mexico, naar het mythische rijk van de “Kings of the Sun” – een verwijzing naar de oude beschavingen van de Inca’s en Azteken. Lotjonslos maakte indruk met prachtige, zelfgemaakte kostuums, rijkelijk versierd met veren, goudaccenten en kleurrijke patronen, die de grandeur van de zonaanbiddende culturen tot leven brachten. Het geheel straalde een exotische sfeer en historische verbeeldingskracht uit, waarmee de groep opnieuw haar veelzijdigheid bewees.

1969: Drakovoelantus[]

In 1969 waagde Lotjonslos zich aan een mystiek en oosters geïnspireerd thema: Drakovoelantus, de naam van een mythische, gevreesde draak waarvan men fluisterde dat hij een vloek in zich droeg. In poëtische en licht onheilspellende bewoordingen werd het wezen aangekondigd: een Indische draak die zielen verslond en slechts met grote moed kon worden bestreden. “We bekampten een beest met verschillende poten... en haalden het... Lotjonslos.” In de stoet verschenen Thaise draakfiguren die de Drakovoelantus moesten voorstellen. Op de achterzijde van de wagen troonde een oppergod, een reusachtige versie van het kostuum dat de groepsleden zelf droegen.

Bijzonder dat jaar was ook dat de groep naast hun stoetkostuum een tweede, feestkostuum ontwierp, speciaal voor de carnavalsnachten.

1970: De Stadsschouwburg In't Woater Gevallen[]

In 1970 richtte Lotjonslos haar spot op een lokaal politiek project: de langverwachte maar uitblijvende bouw van een nieuwe stadsschouwburg aan de Molenstraat. Hoewel het project formeel goedgekeurd werd in de gemeenteraad, bleef het terrein achter een mysterieuze hoge afsluiting leeg. Volgens Lotjonslos was het hele plan simpelweg “in ’t woater gevallen”. De groep stelde het onzichtbare cultuurcentrum voor als een grote parel in een reusachtige zeeschelp, ondergedompeld in een maritiem fantasiethema. Samen met zeegod Neptunus, zeepaardjes en als zeemerminnen verklede groepsleden, brachten ze de satire in beeld op hun typische, verbeeldingsrijke manier.

Voor het Katrienenbal en het bal van de Generale Bank ontwierp Lotjonslos dat jaar ook aparte kostuums, ditmaal rond het thema “De Hongaarse Rapsodie”.

1971: Fantasia[]

In 1971 koos Lotjonslos, trouw aan haar artistieke inslag, voor het thema “Fantasia”. De groep streefde ernaar om een sfeervol en visueel verbluffend geheel te brengen, waarin kleur, beweging en theatrale pracht samensmolten tot een levend schilderij. Het stoetoptreden was eerder poëtisch dan satirisch en liet het publiek wegdromen in een fantasiewereld waarin vormgeving en choreografie centraal stonden.

1972: 10 Joar Lotjonslos[]

1973: Lotjvoegellos[]

1974: De Poesjanellentoern[]

In 1974 sloot Lotjonslos de stoet af met een kleurrijk en feestelijk spektakel onder het thema “De Poesjanellentoern”. Het Belfort – in de Aalsterse volksmond “den toern” – werd symbolisch overrompeld door Poesjanellen, de narrenfiguren uit de carnavaleske traditie. De groepsleden trokken als narren door de straten, herkenbaar aan hun uitbundige kostuums en hoeden waarop een kleine narrenpop gemonteerd was. Op de praalwagen stonden bewegende clowns, wat zorgde voor een speels en levendig slotbeeld van de stoet.

1975: 't Enje Van De Cirk[]

In 1975 bracht Lotjonslos een bonte ode aan het circus met het thema “’t Enje van de Cirk”. De groep vierde het einde van haar eigen “LOL-cirk” en trok in de stoet als een lawine van clowns, elk met zijn eigen meigelekke en onmeigelekke kadoenstjen. Lotjonslos sloot dat jaar opnieuw de stoet af en deed dat in stijl. Ze vielen op met uitzonderlijk grote praalwagens, waarop het circusleven en de clownsfiguur centraal stonden.

1976: Peirespietpompkeireken[]

In 1976 vierde de Aalsterse brandweer haar 100-jarig bestaan, en Lotjonslos greep die gelegenheid aan om een hulde te brengen in stoetvorm. Aanvankelijk was het plan bescheiden: een wagen van zes meter lang. Maar al snel groeide het project uit tot een imposante carnavalswagen van maar liefst 22 meter, waarmee de groep een gedetailleerde reconstructie bracht van de eerste pompierwagen van Aalst. Het resultaat was verbluffend. De wagen combineerde historische nauwkeurigheid met technisch vernuft en carnavaleske overdrijving, wat van het geheel een revolutionair ontwerp maakte binnen de geschiedenis van Lotjonslos. Hun inzet werd beloond: bij de prijsuitreiking behaalde de groep de eerste prijs, met een perfecte score van 90 op 90.[15]

1977: 's Lands Face[]

In 1977 bracht Lotjonslos een scherpe politieke satire onder de titel “’s Lands Face” – een blik op de ware ‘visoge’ van den Belgiek, gezien door een Aalsterse bril. De groep beloofde op voorhand al niemand te sparen, want zoals ze zelf aankondigden: “hoge bomen vangen veel wind.” Het thema focuste op de toenmalige taalperikelen in België, met bijzondere aandacht voor eerste minister Leo Tindemans en minister Antoine Perin. Tindemans werd in de stoet afgebeeld als een struisvogel, symbolisch met zijn kop in het zand, omringd door een heel nest vol eieren. Elke eiwagen stond voor een onduidelijke of ontwijkende politieke positie, waarmee Lotjonslos de politieke besluiteloosheid van het moment hekelde. Aanvankelijk deed het gerucht de ronde dat de groep met 15 wagens zou uitpakken. Hoewel dat niet het oorspronkelijke plan was, besloot Lotjonslos het roddelverhaal in hun voordeel te gebruiken. Ze bouwden uiteindelijk effectief 15 wagen(tjes): een mix van enkele grote constructies en meerdere kleine, elk met een struisvogelei als centraal element.

1978: prinsenwagen[]

In 1978 kreeg Lotjonslos onverwacht de opdracht om de officiële prinsenwagen te bouwen voor Prins Michel Cleemput. Hoewel LOL oorspronkelijk een thema rond de Voil Jeanet wilde uitwerken, werd het ontwerp aangepast voor de prinsenwagen, met behoud van de centrale Jeanet-figuur. Prins Michel moest plaatsnemen op de hand van een Voil Jeanet, op 3,5 meter hoogte. De wagen bevatte ook een clown met zijn hoofd in een trommel, en een contrabasvormige tractor die fungeerde als ladder.

1979: Drumband Schief en Schots[]

In 1979 werkte Lotjonslos rond het thema “Drumband Schief en Schots”, een kleurrijke en muzikale knipoog naar het genre van de Schotse marsfanfares. Voor de gelegenheid kocht de groep een originele brandweerwagen uit 1932 aan, die aanvankelijk bedoeld was als uitgangswagen, maar uiteindelijk een centrale rol kreeg in de stoet. De groep trok volop de uniformenkaart, met prachtige oranje kostuums en opvallende paarse berenmutsen, geïnspireerd op Schotse militaire korpsen. Samen met de oldtimer als blikvanger vormde dit een visueel aantrekkelijk geheel dat veel aandacht trok tijdens de stoet.

1980: Aan 't droiken[]

In 1980 vierde Lotjonslos haar 18-jarig bestaan, en deed dat met een flinke dosis zelfrelativering onder het thema “Aan ’t Droiken”. De groep keek met humor naar haar eigen veroudering en groeiende buikomtrek: “Lotjonslos 18 jaar jong. Moar weir willen nog nie onzen bon. ’t Wert moeilekker méé ons dikke boiken. Daarom hangen men ons aan ’n droiken.”

1981: Ze Komen Deraan[]

1982: 20 Joor... Tsjuu ‘t Es Lank[]

1983: Les Roffelde Boem Boem Citoyen de Joseph Désiré Modest[]

1984: Fiskale Amnestie[]

1985: Hij Komt...[]

1986: De Chunnel... ‘t  Kan Aal: der Onder Of Oever[]

1987: A Passage To Belgium[]

1988: Op Zoek Naarhet Beloofde Land[]

1989: Dacoste[]

In 1989 liet Lotjonslos zich inspireren door het toenmalige Belgisch-Zaïrees conflict, dat dat jaar het nieuws en de politieke debatten beheerste. Net als meerdere groepen besloot LOL om dit actuele en beladen thema op te nemen in de stoet, onder de titel “Dacoste”.

Lotjonslos_1989_-_Dacoste

Lotjonslos 1989 - Dacoste

1990: Boerenommeganck[]

In 1990 richtte Lotjonslos haar pijlen opnieuw op Dendermonde, ditmaal met een scherpe parodie op de Ros Beiaardommeganck. Onder de titel “Boerenommeganck” onthulden ze het “ware verhaal” achter de legende: volgens Lotjonslos waren de vier Heemskinderen gewoon boerenzonen, en het hele spektakel een opgeblazen folkloreverhaal. Met een affiche die sprekend leek op de officiële ommegangsaffiche en een uitbundige stoetvoorstelling, dreef de groep de draak met de serieuze ernst waarmee Dendermonde haar traditie omkleedt. De actie leidde zelfs tot een proces-verbaal door de Dendermondse politie toen leden van Lotjonslos affiches gingen plakken in de streek.

De parodie werd in Aalst op gejuich onthaald. Lotjonslos won dat jaar de Originaliteitsprijs Willy Van Mossevelde.

Lotjonslos_1990_-_Boerenommeganck

Lotjonslos 1990 - Boerenommeganck

1991: Te Deum[]

In 1991 trok Lotjonslos als oud-strijders de stoet in met het thema “Te Deum”, een speelse knipoog naar de hymne die traditioneel weerklinkt tijdens de nationale feestdag. Gehuld in ceremoniële uniformen en met bijpassende grandeur, brachten ze een absurdistisch eerbetoon aan de Belgische staatscultuur. Op hun wagen verschenen karikaturale versies van bekende Belgische boegbeelden, waaronder Kamiel Sergant, koning Boudewijn, koningin Fabiola, eerste minister Wilfried Martens en minister Wily Claes.

1992: M.A.D.R.I.D.?[]

In 1992 bracht Lotjonslos een internationale knipoog met het thema “M.A.D.R.I.D.?”, een parodie op de Conferentie over het Midden-Oosten, waarvan de eerste bijeenkomst plaatsvond in Madrid. Met hun eigen “Blijde Intrede in Madrid” gaf de groep een carnavaleske herwerking aan dit diplomatiek hoogtepunt.

1993: Assegoensjtag[]

1994: De Lesten Bloast De Keis Oit[]

In 1994 zette Lotjonslos het Belgische politieke landschap centraal in het thema “De Lesten Bloast De Keis Oit”. Op hun praalwagen bouwde de groep een imposante kathedraal, waarin een bonte verzameling van politieke kopstukken te herkennen viel. Onder de figuren bevonden zich onder meer Jean-Luc Dehaene, Jean-Pierre Van Rossem, Frank Swaelen, Freddy Willockx, Gaston Geens, Wilfried Martens, Geert D’hondt, Guy Verhofstadt, Herman Van Rompuy, Leo Tindemans en Hugo Schiltz. De politici werden grotesk en karikaturaal verwerkt in het kerkgebouw, als symbolen van een versleten politieke orde die haar laatste adem uitblies.[1]

1995: We’ll Meet Again[]

1996: De weven van Lotjonslos[]

1997: Rule Brittannia[]

1998: Bê chez Laurent[]

In 1998 richtte Lotjonslos haar spot op Prins Laurent, die in de stoet werd opgevoerd als de uitbater van een hondenrestaurant onder de naam “Bê chez Laurent”. De groep speelde in op Laurents bekende liefde voor dieren, maar gaf er een hilarisch en absurd carnavalesk tintje aan. Elk lid van de groep kreeg een eigen hond – uitgewerkt in isomo – die ze uitlieten in de stoet, als klant van het koninklijke hondenrestaurant. Met dit thema won Lotjonslos in 1998 de Groeite Prois De Moikes, als erkenning voor de meest geslaagde uitbeelding van het jaar.

1999: De Jacht Op Prins Filip[]

In 1999 richtte Lotjonslos haar vizier op Prins Filip, die op dat moment nog steeds vrijgezel was. Onder het thema “De Jacht op Prins Filip” werd de troonopvolger afgebeeld als opgejaagd wild, opgevoerd op de wagen en achternagezeten door een horde paarden, bereden door de leden van LOL die zich verkleed hadden als baronessen op jacht naar een geschikte echtgenoot. De wagen was een technisch huzarenstukje: met zijn 65 meter lengte was het één van de langste wagens ooit in de stoet van Aalst. Alle groepsleden zaten op de wagen, waardoor Lotjonslos dit jaar afweek van haar traditie van danspasjes in de stoet.

2000: The Belgian Soap Opera[]

2001: 125 Jaar Spuitwater (Oilsjterse Brandweer)[]

In 2001 bracht Lotjonslos met het thema “125 Jaar Spuitwater” een carnavalesk eerbetoon aan de Aalsterse brandweer, die dat jaar haar 125-jarig bestaan vierde.

2002: De Worp van ‘t  Ros[]

In 2002 keerde Lotjonslos terug naar een van haar geliefde thema’s: de rivaliteit tussen Aalst en Dendermonde, ditmaal onder de titel “De Worp van ’t Ros”. Het onderwerp draaide rond een fictieve dekking tussen het mannelijke Ros Balatum en het vrouwelijke Ros Beiaard, met als resultaat: twaalf kleine paardjes en een bonte stoet van meer dan 100 muzikanten die Lotjonslos vergezelden. Om de muzikanten niet in het donker over de Grote Markt te moeten laten gaan, had de groep 2 grote halogeenspots met zich mee. Bijzonder aan deze editie was dat LOL voor de bouw van haar wagen een nieuwe techniek hanteerde. In plaats van traditioneel laswerk, werden de twee grote paarden gemaakt uit piepschuim en polyester, wat zorgde voor een lichtere constructie en meer verfijnde vormen. Deze vernieuwende aanpak gaf de wagen een moderne uitstraling en versterkte de visuele impact.

Voor haar inzet en originele uitbeelding van de eeuwenoude Aalsters-Dendermondse spot, werd Lotjonslos beloond met de Satellietprijs – de prijs voor de groep die de rivaliteit tussen beide steden het best wist te vatten in haar stoetthema.

2003: Twee wordt één (de trouw van Prins Laurent)[]

2004: 'n Olivier[]

In 2004 liet Lotjonslos zich inspireren door het populaire VTM-programma “Olivier De Rijke”, waarin een vermeende miljonair op zoek ging naar een geschikte partner. Onder het thema “’n Olivier” nam de groep het televisieformat én het oppervlakkige schoonheidsideaal op de korrel. In plaats van één grote praalwagen koos Lotjonslos dit jaar voor een ongewone en opvallende aanpak: ze bouwden 19 kleine autootjes om, elk vertegenwoordigde één van de vrouwelijke kandidaten die het hart van “Olivier” probeerden te veroveren. Elk groepslid zat individueel op een rijdende mini-wagen, wat resulteerde in 19 chauffeurs in de stoet – een logistieke en visuele krachttoer.

2005: Wiezewiezewies Bombom[]

In 2005 bracht Lotjonslos een scherpe politieke satire onder de titel “Wiezewiezewies Bombom”. De groep recreëerde een symbolische stoelendans in de Oktoberhallen van Wieze, als ludieke sneer naar het feit dat Aalst geen eigen feestzaal meer had. De stoelendans werd voorafgegaan door vier karikaturale kopstukken van het Vlaams Belang.

De prestatie werd ruim erkend: Lotjonslos won in 2005 zowel de Pitouprijs (voor beste politieke persiflage) als de Originaliteitsprijs Willy Van Mossevelde. Met dit thema bevestigde de groep haar reputatie als meester in geëngageerde, slimme en visueel sterke satire.

2006: De Vrhfstd[]

In 2006 bracht Lotjonslos het thema “De Vrhfstd”, een scherpe verwijzing naar de federale regering-Verhofstadt. Die werd door de groep geportretteerd als een onzinkbaar schip dat, ondanks politieke rampspoed, koppig blijft verdervaren.

2007: Oma's Aan De Top[]

In 2007 nam Lotjonslos de Europese vorstenhuizen op de korrel met het thema “Oma’s aan de Top”. De groep bracht een grappige en licht bijtende parodie op de hoogbejaarde koninginnen die halsstarrig bleven vastklampen aan de troon, tot frustratie van hun ambitieuze zonen. Met karikaturale uitbeeldingen van onder andere koningin Elizabeth, koningin Beatrix en andere monarchale matriarchen, toonden de LOL-leden hoe de troonopvolgers in de wachtkamer van de macht bleven zitten.

2008: La Brabançonne[]

In 2008 inspireerde de politieke impasse rond de regeringsvorming door Yves Leterme het thema van Lotjonslos: “La Brabançonne”. Met deze titel, verwijzend naar het Belgische volkslied, bracht de groep een bijtende persiflage op de eindeloos aanslepende federale onderhandelingen, waarbij Leterme er maar niet in slaagde een stabiele regering te vormen. Centraal stond de beruchte flater van Leterme, die in een interview “La Brabançonne” verwarde met “La Marseillaise”, het Franse volkslied. In hun uitbeelding vervingen de LOL-leden de Brabançonne effectief door de Marseillaise, als symbool voor het falende Belgisch staatsgevoel. Op de wagen werden politieke kopstukken afgebeeld in kerkelijke gewaden, als koorknapen van het vermolmde staatsapparaat. In het oog sprong vooral Joëlle Milquet, die door Lotjonslos werd voorgesteld als “De Zwerte Manonna”.

2009: Sarkowie? Les garçes presidentielles de Sarko[]

In 2009 richtte Lotjonslos haar spot op het liederlijke liefdesleven van de Franse president Nicolas Sarkozy, onder de welluidende titel “Sarkowie? Les Garçes Présidentielles de Sarko”. De groep bracht een pikante en glamoureuze persiflage op de roemruchte president, die geregeld de roddelpagina's haalde met zijn relaties en publieke vertoningen.

Voor deze internationale politieke satire werd Lotjonslos bekroond met de Pitouprijs, de prijs voor de beste politieke persiflage van het jaar.

2010: Trammelant[]

n 2010 bracht Lotjonslos het thema “Trammelant”, een knipoog naar de tijd waarin er nog trams door Aalst reden. De groep liet het stadsbeeld van vroeger herleven, met rails, conducteurs, reizigers en vooral veel chaotische toestanden op het spoor.

2011: Mogen Wij Nu Binnen[]

2012: Koninklijke LOL Polonaise[]

In 2012 vierde Lotjonslos haar 50-jarig bestaan met het feestelijke en satirische thema “Koninklijke LOL Polonaise”. De groep bracht een uitbundige parodie op de Belgische koninklijke familie, die ze letterlijk en figuurlijk liet meelopen in een eindeloze polonaise. De viering liep zó uitbundig dat de groep strafpunten kreeg omdat ze te vaak polonaises dansten op het plein, wat als een reglementaire overtreding werd beschouwd.

Desondanks kende 2012 voor Lotjonslos een absoluut hoogtepunt: ze wonnen de Groeite Prois De Moikes en behaalden ook de eerste prijs bij den Oitgeranzjeirde Jury.

2013: Sans Rancune[]

In 2013 bracht Lotjonslos het thema “Sans Rancune”, een directe en ludieke reactie op de geruchten dat de groep na 50 jaar zou stoppen. Met dit thema wilde LOL duidelijk maken dat ze een nieuwe koers insloegen, maar zonder wrok of rancune tegenover het verleden. Met Frank Van Impe als nieuwe voorzitter begon een nieuwe generatie Lotjonslossers aan een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van de groep. In de stoet verbeeldden ze dit door op te trekken met een imposant spookschip, een krachtig symbool van een groep die haar verleden eert, maar moedig verder vaart.

2014: Op Soek Nor De Mèrt[]

In 2014 speelde Lotjonslos in op de chaos rond de zaterdagmarkt in Aalst. Door wegenwerken op het Keizersplein moesten de marktkramers tijdelijk verhuizen, maar de herlocatie verliep moeizaam en zorgde voor frustratie bij zowel marktkramers als bezoekers. Onder het thema “Op Soek Nor De Mèrt” stelde Lotjonslos op ludieke wijze een alternatief marktplan voor: de zaterdagmarkt verhuizen naar de rechteroever, meer bepaald aan de Varkensmarkt. Daar paradeerden in de stoet exotische marktkramers, verkopers met kleurrijke waren en absurde koopwaar.

2015: Kloizen Keiremis - Groeite Prois Chipper[]

In 2015 bracht Lotjonslos het thema “Kloizen Keiremis – De Groeite Prois Chipper”, een parodie op de Aalsterse koerscultuur én de commerciële inmenging in het wielermilieu. De groep riep een nieuwe wielerklassieker in het leven, opgedragen aan Willy Michiels, de bekende Haaltenaar en bezieler van Napoleon Games, die ook sponsor was van het Aalsters natourcriterium.

2016: Oilsjt Mobiel, weir vliegen d'er oever[]

In 2016 bracht Lotjonslos een originele en luchtige oplossing voor het eeuwige fileprobleem in Aalst met het thema “Oilsjt Mobiel: Weir Vliegen d’er Oever”. Terwijl de hele stad vastzat in de fille en straten zonder strepen een dagelijks ergernis vormden, koos LOL voor een creatieve ontsnapping: de zeppelin. Met veel fantasie trok de groep door de straten met een zwevende oplossing boven het verkeer. “Weir stoan ni stille in de fille!” werd de slogan van hun alternatief vervoersplan, waarbij Aalst via de lucht verbonden werd van oever tot oever.

De uitvoering werd zowel visueel als inhoudelijk gesmaakt. Lotjonslos behaalde de eerste plaats bij de grote groepen, won de Groeite Prois De Moikes en werd ook bekroond met de eerste prijs van de Oitgeranzjeirde Jury.

2017: “t go rap”[]

In 2017 bracht Lotjonslos een hulde aan de 50ste verjaardag van Aalsters burgemeester Christoph D’Haese, onder het thema “’t Go Rap”. Centraal in hun uitbeelding stond een grote reus van D’Haese, die feestelijk en enigszins pompeus door de stad paradeerde. Door de hoogte van de reus moest deze echter meermaals zakken onder overhangende kabels, wat zorgde voor vertragingen op het parcours — een ironisch contrast met de thematitel. Op de wagen zaten 33 leden in gigantische champagneglazen, wat het verjaardagsfeestje nog extra kracht bijzette. Daarnaast waren er maar liefst 20 begeleiders nodig om het geheel in goede banen te leiden.

2018: De lesten Ommegank[]

In 2018 bracht Lotjonslos een van haar meest spraakmakende stoetvoorstellingen onder het thema “De Lesten Ommegank” — een rouwstoet voor het Dendermondse Ros Beiaard, dat volgens LOL ten onder gegaan was aan houtrot, vocht, schimmels en pure verwaarlozing. De groep stelde dat het Ros, jarenlang vergeten in een vochtig krot ergens in de Dendermondse velden, zijn beste dagen had gekend. En als Dendermonde zelf niet tot afscheid kwam, dan nam Aalst de honneurs waar: Lotjonslos organiseerde een carnavaleske begrafenisstoet. Op de wagen trok burgemeester Piet Buyse (karikaturaal voorgesteld) het lijk van het Ros Beiaard vooraf, gevolgd door koeien en tenslotte het Ros zelf — liggend op zijn rug, volledig gesloopt.

De stoetpresentatie werd dan ook meermaals bekroond: Lotjonslos won De Groeite Prois KBA en behaalde ook de 1e plaats bij den Oitgeranzjeirde Jury.

2019: “En van je hop$a$a ...”[]

In 2019 zette Lotjonslos volop in op lokale trots met het thema “En van je hop$a$a ...”, een uitbundige ode aan het 100-jarig bestaan van Eendracht Aalst. Onder het motto “de ploeg der kampioenen zonder miljoenen” bracht de groep een feestelijke stoetpresentatie vol voetbalpassie, nostalgie en Oilsjterse ambiance. Het absolute pronkstuk van de wagen was een grote pop van Kamiel Sergant, de zanger van het iconische clublied van Eendracht Aalst.

De aanpak bleef niet onopgemerkt: Lotjonslos won de 1e prijs bij de grote groepen, eindigde ook op de 1e plaats bij den Oitgeranzjeirde Jury en werd beloond met de Luk Line-originalitoitsprois, als erkenning voor hun originele invalshoek.

2020: OOOORDER OOOOOOORDER!!![]

In 2020 nam Lotjonslos op geheel eigen wijze afscheid van het Verenigd Koninkrijk met het thema “OOOORDER OOOOOOORDER!!!”, een verwijzing naar de iconische uitroep van parlementsvoorzitter John Bercow tijdens het Brexit-debat. Onder het motto “We’ll (never) meet again” bracht de groep een uitbundige stoetpresentatie rond de Brexit. Vooraan op de wagen prijkten Queen Elizabeth en prime minister Boris Johnson. De groep spotte met de chaos van het vertrek uit de EU, maar ook met de melodramatische manier waarop het afscheid werd opgevoerd. Ondanks het stormweer en de richtlijn van de stad Aalst om niemand hoger dan twee meter op de wagen te zetten, trotseerde Lotjonslos het verbod: enkele leden klommen toch bovenop de praalwagen, wat zorgde voor de typische rebelse LOL-ambiance.

2023: Bal Général[]

In 2023 bracht Lotjonslos een warme en feestelijke ode aan Herman Schelfaut, beter gekend als “dé Général”, de charismatische en jarenlang gewaardeerde voorzitter van AKV De Lodderoeigen. Onder het thema “Bal Général” nodigde de groep letterlijk iederiejn uit op het groot bal van de général.

Ook op technisch vlak blonk de groep uit. Voor hun inzet op het vlak van milieuvriendelijkheid wonnen ze in 2023 de Duurzaamheidsprijs van de stad Aalst, én werden ze bekroond met de Groeite Prois KBA.

2024: E Viééééé Fabiolaaaaaa…… Olé![]

In 2024 trok Lotjonslos de stoet in met een vurige Spaanse processie onder het thema “E Viééééé Fabiolaaaaaa…… Olé!” — een speelse en devotionele optocht voor de fictieve heilige Santa Fabiola. De groep bracht een procesión in de stijl van Zuid-Spanje, onder de naam “La Virgen de Motril”, vernoemd naar de stad waar koningin Fabiola een villa bezat. De kostuums waren Spaans getint, in felrood, en deden visueel denken aan hun uitbeelding uit 1992, maar met een nieuwe twist: onder hun flamboyante pruiken schuilden kale koppen, waarbij sommige leden zich effectief hadden laten kaal scheren. Dat paste perfect bij hun lied “Toreador, op ne plesjkop stoot giejn hoor”. Lotjonslos kreeg tijdens de stoet af te rekenen met hevige regenval, waardoor de groep een groot deel van het parcours zonder licht en muziek moest afleggen.

2025: Weirk van langen oosem![]

In 2025 liet Lotjonslos zich inspireren door de trompet, hét instrument dat het hele jaar centraal stond tijdens de campagne van Karel Van de Winkel, die uiteindelijk verkozen werd tot Prins Carnaval 2025. Als ode aan dit blaasinstrument ontwikkelde de groep het thema “Weirk van langen oosem!”, een verwijzing naar de muzikale longinhoud van de groep. De groep kondigde hun deelname aan met de slogan “Profiteirt ervan, ’t es onze lesten oosem”, wat bij sommigen paniek en verwarring opwekte: was dit dan écht het laatste jaar van LOL? Gelukkig bleek het om een ludieke trompetgrap te gaan — geen afscheid, maar eerder een stevige uithaal op z’n Oilsjters.

Varia[]

  • In 1966 trokken Lotjonslos en De Fliramoizen samen naar het Duitse Aken, waar ze eregasten waren op de Karnaval-Herrensitzung van het Aachener Karnevalsverein.
  • Het lokaal van Lotjonslos in de jaren ’60 en ’70 was De Coninck Van Spagnieën aan de Grote Markt.
  • Ter gelegenheid van hun 5-jarig bestaan was Lotjonslos in 1967 te gast in het BRT-programma Spelevaren. Na de maandagstoet trokken ze naar Halle en vervolgens opnieuw naar Aken, voor een carnavalsnacht met Immer Plaan. Dankzij de hulp van een buseigenaar uit Halle konden ze alsnog de grens oversteken.[16]
  • In 1977 organiseerde Lotjonslos onder impuls van Willy Van Mossevelde een voetbalwedstrijd tegen De Brikaljongs, die na verlengingen met 5-2 gewonnen werd. In 1979 nam De Brikaljongs revanche met 4-2.[17]
  • In 1984 organiseerde Lotjonslos een Euro-Barbecue naar aanleiding van de Europese verkiezingen, een traditie die nog enkele jaren werd voortgezet. Daarnaast hielden ze ook jaarlijks een Gastronomische Hoogdag.
  • In 1990 werd hun loods zwaar beschadigd door een orkaan. Kort daarna vatte een blok piepschuim vuur, maar de groep kon zelf het vuur blussen vóór de brandweer aankwam.[18]
  • In de aanloop naar carnaval 2000 werd Lotjonslos gevolgd door de VRT voor het programma Koppen.
  • In 2001 ontstond er een conflict met Woorom Dadde, toen een lid van die groep een lied en onderwerp zou hebben onthuld aan een Lotjonslosser in café Den Ajuin.
  • In 2002 en 2003 bouwde Lotjonslos wagens voor de kerstparade van VTM.
  • In 2003 maakte de groep vier herenhuizen voor immokantoor Filip Bonny, die ze aan zijn kantoor aan de Zeshoek plaatste.
  • De VRT vroeg Lotjonslos om een reuzegrote wc-ontstopper te bouwen als promotiestunt voor het programma Ombudsjan. Die stond op de rotonde voor het stadhuis.
  • Begin jaren 2000 werden de leden van Lotjeronstissen, voornamelijk kinderen van LOL-leden, opgenomen in de groep.
  • In 2014 schonk Lotjonslos €250 aan Geloeif Mè Goed, dat getroffen was door een brand.
  • In 2021, tijdens de afgelasting van carnaval door de coronapandemie, bracht Lotjonslos toch een ludiek Facebookfilmpje uit waarin o.a. Anton Callebaut en Freddy Thybaert figureerden met een lege wagen waarop stond: “Tot noste joor (of ’t joor nodien)”.
  • Na carnaval 2024 werkte Lotjonslos een voorstel uit om de prijsuitreiking op het Statieplein te laten plaatsvinden, maar dat werd niet gevolgd door het stadsbestuur.
  • Tijdens de kostuumvoorstelling van Prins Sjalen in 2025 kwamen twee Lotjonslossers verkleed als jagers het podium op met twee dode fazanten als “pluimen” voor de prinsenhoed.
  • De voorzitters van Lotjonslos waren achtereenvolgens: Luc De Decker, Johan Van Cleemput, Wim De Decker, Dries Bruyninckx, Emiel François, Rik Van Steenberghe, Willy Van Mossevelde, Frank Van Impe, Kurt Heerman en Anton Callebaut.

Redactie[]

Tekst, foto's en beeldmateriaal[]

  • Tekst: Sören Delclef - AjoinPedia
  • Foto's: De Voorpost, Facebookpagina Lotjonslos, Eddy Temmerman, Lieven Goubert, Sören Delclef
  • Beelden: Aalsterse Video Producties

Bronnen[]

  1. 1,0 1,1 De Gazet van Aalst, 4 februari 1965
  2. De Gazet van Aalst, 2 februari 1967
  3. Voor Allen, 7 februari 1970
  4. De Voorpost, 1 februari 1974
  5. De Voorpost, 10 november 1977
  6. De Voorpost, 3 februari 1978
  7. De Voorpost, 17 januari 1992
  8. Het Nieuwsblad, 3 maart 2000
  9. Het Laatste Nieuws, 24 februari 2003
  10. Het Laatste Nieuws, 31 maart 2012
  11. Het Laatste Nieuws, 31 januari 2013
  12. De Voorpost, 25 juli 1975
  13. De Voorpost, 23 februari 1990
  14. De Gazet van Aalst, 27 november 1965
  15. De Voorpost, 6 februari 1976
  16. De Gazet van Aalst, 4 februari 1967
  17. De Voorpost, 19 oktober 1979
  18. De Voorpost, 9 februari 1990