Wikia


Het reuzenpaar Philippus en Madelon vergezelde De Oude Garde bij hun optochten van 1956 tot 1978. Beide reuzen gingen op carnavalszaterdag en -dinsdag De Oude Garde vooraf. Tijdens carnaval 1978 raakten de reuzen beschadigd, waardoor ze uit de optochten van De Oude Garde verdwenen.

Reuzenpaar voor de Oude Garde Edit

Het bestuur van De Oude Garde had in 1956 het idee opgevat om zich bij hun optocht op carnavalszaterdag en -dinsdag te laten vergezellen door stadsreuzen Iwein en Lauretta. Het stadsbestuur stond dit echter niet toe, waarop feestleider Louis De Ridder voorstelde om een eigen reuzenpaar te laten maken. De karkassen van de reuzen werden gebouwd door Maurice Barrez en voorzitter Edmond Steleman kocht twee reuzenkoppen aan in Brussel. De kledij van de reuzen werd gemaakt in de ateliers van de textielwinkel van Edmond Steleman.

De reuzen werden ingehuldigd op 11 februari 1956, waarna ze een eerste keer met De Oude Garde mochten rondgaan. De mannelijke reus werd Philippus genoemd naar Philippus Rogghé (1754-1831), medestichter van De Oude Garde en in Aalst gekend als dichter, componist, Catharinist en filosoof. De reuzin kreeg de naam Madelon, naar het in 1914 gecomponeerde lied 'La Madelone', dat symbool stond voor vrijheid. Reuzin Madelon werd gekleed als een cantinière.[1][2][3]

Beschadigde reuzen Edit

Madelon Robert Waterschoot 1958

Robert Waterschoot speldt iets op de borst van reuzin Madelon in 1958. (Foto: Collectie Helena Coppens)

Begin 1978 werden de reuzen van De Oude Garde ondergebracht in een stadsmagazijn, omdat hun eigen bewaarplaats verbouwd werd. De reuzen werden echter uit het stadsmagazijn ontvreemd en de twee hoofden werden teruggevonden in de Kattestraat. De lichamen bleken verdwenen te zijn. De Oude Garde deed er alles aan om haar reuzenpaar opnieuw klaar te krijgen voor hun optocht op carnavalszaterdag. De onderstellen raakten tijdig klaar, waardoor de reuzen toch mee konden met de optocht van De Oude Garde.[4] Het zou echter hun laatste carnaval worden...

Tijdens carnaval '78 raakten de reuzen jammer genoeg onherstelbaar beschadigd.[5] Op carnavalsdinsdag werd het reuzenpaar vergeten aan het Belfort. De Oude Garde realiseerde zich later dat ze hun reuzen achtergrlaten hadden, maar de reuzen stonden niet meer op hun plaats aan het Belfort. Na een lange zoektocht vond voorzitter Emiel Van Schoote de zwaar toegetakelde reuzen terug in de Nieuwstraat. De reuzen bleken onherstelbaar, waardoor er een einde kwam aan Philipus en Madelon.[6]

Bronnen Edit

  1. De Voorpost, 11 december 1987
  2. De Voorpost, 20 november 1987
  3. Ghysens J. & Baert K. (1975), Aalst Karnaval, Tielt: Uitgeverij Veys
  4. De Voorpost, 27 januari 1978
  5. De Voorpost, 17 februari 1978
  6. Van der Heyden A. & Vinck S. (1995), Aalsters Karnavalboek 1991-1995, Erembodegem: vzw Dokumentatiecentrum Aalst Karnaval
Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.