De Popverbranding vindt steeds plaats op de laatste dag van carnaval en staat symbool voor het einde van carnaval.

**onder constructie**

Ontstaan[bewerken | brontekst bewerken]

De Popverbranding of de verbranding van Vastenavond werd in Aalst in 1960 ingevoerd door het Feestcomité, dat toen onder leiding stond van schepen Gilbert Claus.

De eerste verbranding van een Vastenavondpop vond plaats op dinsdag 1 maart 1960 om 22u. De verbranding werd ingeleid door een optocht met het muziekkorps der Stedelijke Vrijwillige Brandweer. Deze optocht werd Taptoe genoemd; de cafébazen werden door het muziekkorps aangemaand om hun tap even af te sluiten, zodat de carnavalisten richting Grote Markt konden trekken voor de verbranding van de Vastenavondpop.

Optocht[bewerken | brontekst bewerken]

De optocht met de Vastenavondpop en Taptoe zou jaarlijks herhaald worden. De leden van het Feestcomité gingen de Vastenavondpop afhalen en begonnen rond half 10 op de Hopmarkt aan hun optocht. De pop werd vandaar rondgedragen langs de foorpleinen, waarbij ze gevolgd werd door de carnavalisten. Het muziekkorps van de Stedelijke Vrijwillige Brandweer was ondertussen vervangen door de Vlaamse Katholieke Fanfare van Welle, die de pop begeleidde met treurmarsen. De optocht eindigde op de Grote Markt, waar Vastenavond zou verbrand worden.

Op de Grote Markt werden rondedansen uitgevoerd, waarna de pop in brand gestoken werd met Bengaals vuur. In het carnavalsprogramma werd de popverbranding aangekondigd als de apotheose van carnaval, met muziek, dans en leute.[1][2]

Fakkeltocht[bewerken | brontekst bewerken]

De stoet die de pop begeleidde naar de Grote Markt werd met de jaren groter. De Galante Moilentrekkers kwamen begin de jaren '70 op het idee om de Vastenavondpop te begeleiden met fakkels, zodat de stoet meer op een rouwstoet zou lijken. Deze fakkels werden door firma De Winter gratis uitgedeeld aan de carnavalsgroepen, om zo de pop vooraf te gaan bij haar optocht. Niet elke groep deed hieraan mee, wat betreurd werd door De Galante Moilentrekkers. Uiteindelijk was het Prins Carnaval die de pop in brand mocht steken met zijn fakkel.

De stoet, waarbij ook het stadsbestuur en Feestcomité voorop gingen, liep in de jaren '70 via de Pontstraat, Houtmarkt, Hoogstraat, Korte Zoutstraat, Keizerlijk Plein en zo terug naar de Grote Markt. Op de Grote Markt maakten de vrolijke liedjes van de Vlaamse Katholieke Fanfare van Welle plaats voor de treurmars van Chopin. Terwijl de pop werd rondgedragen op de Hopmarkt, werd voor het stadhuis op de Grote Markt alles in gereedheid gebracht voor de popverbranding.

Voor de verbranding spraken de voorzitter van het Feestcomité en Prins Carnaval het volk toe. De fanfare nam plaats op een soort tribune, om op deze manier niet gestoord te worden door carnavalisten. Het gebeurde echter vaak dat deze tribune niet meer vrij was, omdat verschillende carnavalisten er hun intrek hadden genomen. Kamiel Sergant riep zijn gekende kreet 'Doeme Voesj?', waarna de Prins de Vastenavondpop in brand mocht steken. De popverbranding werd afgesloten met een rondedans onder begeleiding van de fanfare, waarna vele toeschouwers huiswaarts keerden, of verder feestten in de danszalen en cafés.[3][4][5][6]

Muziek uit de boxen[bewerken | brontekst bewerken]

In 1989 brachten Michel Van Brempt en Stefaan Vinck de plaat Oilsjt Goi Stad Van Men Droeimen uit. Het lied, dat geschreven werd door Antoine Van der Heyden, werd door het AKV gebracht op de Aalsterse Avond in 1988. Van Brempt droomde ervan om het lied te laten afspelen tijdens de popverbranding van 1989. Zijn droom werd werkelijkheid en vanaf dan zou Hendrik Daelman het lied jaarlijks live brengen tijdens de popverbranding.[7][8]

In 1995 werd er voor het eerst muziek uit de boxen op de Grote Markt gespeeld tijdens de popverbranding. De trombones van de begeleidende fanfare waren zo live te horen door de geluidsboxen. Dit was tot dan toe het enige dat door de boxen te horen was. De liedjes van de Prins werden dus niet afgespeeld en als een Prins besloot om toch een stukje te zingen, gebeurde dit zonder muzikale begeleiding. Zo zong Peter Vereecken in 1993 zijn lied Ambiaans Oeveraal volledig a capella.

De publieke opkomst werd steeds groter en in 1996 koste het heel wat moeite om een doortocht op de Grote Markt te maken voor de stoet van de Vastenavondpop. Dat jaar was er voor vernieuwing gezorgd; voor de eerste keer mocht Prins Carnaval Kris Van Vaerenbergh één van zijn liedjes door de boxen zingen. Dit zou vanaf dan een gewoonte worden. In 1997 werden de fakkels van een soort beveiliging voorzien, waardoor de vlam van de fakkels veel kleiner was. Veel fakkels waren echter al uitgedoofd voor de Grote Markt bereikt werd.

Vernieuwingen[bewerken | brontekst bewerken]

De Vastenavondpop werd jarenlang in stoet van het onthaalcomplex van de Keizershallen naar de Grote Markt gebracht, maar door de toenemende belangstelling kwam hier in 1999 een einde aan. Burgemeester De Maght wou volledig inzetten op veiligheid en de voorgaande jaren was gebleken dat de optocht met de Vastenavondpop en vooral de doortocht op de Grote Markt levensgevaarlijk geworden was. De Vastenavondpop zou voortaan vanop de binnenkoer van het stadhuis naar de rotonde op de Grote Markt gebracht worden.[9]

In 2000 zou de popverbranding een emotioneel accent krijgen, met live muziek vanop de balkons van het stadhuis. Nadat eerder al Guy Walgraef (live doedelzakmuziek)

In 2002 had Prins Wim Delclef in zijn show een lied gezongen vanop een hoogtewerker, waarmee hij over de zaal zweefde. Deze stunt wou hij overdoen tijdens de popverbranding, waardoor hij de eerste Prins was die zijn liedjes vanop een hoogtewerker zong.

2008: Kenny hoogtewerker


De daaropvolgende jaren zou de Prins steeds vanop de hoogtewerker zijn liedjes mogen zingen.


Een jaar later zou opnieuw iets nieuw geïntroduceerd worden; een groot scherm op de Grote Markt, waardoor iedereen de popverbranding kon volgen. Voor de veiligheid besliste het stadsbestuur wel om dat jaar de Grote Markt af te sluiten tijdens de popverbranding. In 2010 kwam er ook een scherm op het Vredeplein.[10]


In 2014 kondigde Keizer Kamiel op de popverbranding aan dat het zijn laatste jaar zou zijn. In 2015 was hij er niet meer bij en werd de rol van de burgemeester groter tijdens de verbranding.



2021: alternatieve verbranding[bewerken | brontekst bewerken]

In 2021 kon Aalst Carnaval niet doorgaan door de coronapandemie. De Aalstenaars toonden zich erg creatief en er werden heel wat alternatieven uitgewerkt door de Aalsterse radiozenders, DRA en TV Oost. Zo organiseerde akv De Zwisjelmoizen, in samenwerking met Oilsjt Mjoezik, een alternatieve popverbranding. Op een geheime locatie lieten ze Prins Yvan De Boitselier hun Vastenavondpop in brand steken, waarbij de traditionele liedjes en doedelzakmuziek afgespeeld werden.

Het digitale evenement werd gevolgd door meer dan 1000 Aalstenaars en was een groot succes. De weken ervoor had de groep kleine versies van hun Vastenavondpop laten maken, waardoor de Aalstenaars ook thuis hun eigen Vastenavondpop konden verbranden.

Varia[bewerken | brontekst bewerken]

  • In 1999 riep Keizer Kamiel niet van 'Doeme Voesj?', maar 'Weir Doen Voesj!'. Kamiel had voor de start van carnaval Lotjonslos uitgeroepen tot winnaar op Familyradio en dit werd hem niet in dank afgenomen door de andere groepen. Toen hij tijdens de carnavalsdagen riep van 'Doeme Voes?', reageerden de enkele carnavalisten daarop met 'Ja, mor ni me a'. Op de dinsdagmiddag van carnaval deed het gerucht de ronde dat de carnavalisten zonder Kamiel door wilden gaan, waardoor de Keizer besliste om dat jaar op de verbranding zijn kreet niet in vraagvorm te formuleren.[11]
  • Prins Tony is bang van vuur en had daarom in 1999 hulp nodig van een brandweerman om de pop in brand te steken.[12]
  • Voor het millenniumcarnaval in 2000 zorgde de stad voor een grondvuurwerk tijdens de popverbranding.[13]
  • In 2003 liet men vuurwerk uit de Vastenavondpop komen, waardoor Prins Chris Baeten de pop niet echt zelf in brand kon steken. Toen hij met zijn fakkel de pop wou aansteken, stond een deel ervan al in brand door het vuurwerk.


  1. De Gazet van Aalst, 11 februari 1967
  2. De Gazet van Aalst, 30 januari 1971
  3. De Gazet van Aalst, 6 maart 1971
  4. De Voorpost, 26 februari 1988
  5. De Voorpost, 22 februari 1980
  6. De Voorpost, 10 februari 1978
  7. De Voorpost, 27 januari 1989
  8. Ajoin Music, 16 februari 2021
  9. Het Nieuwsblad, 7 januari 1999
  10. Het Laatste Nieuws, 23 februari 2019
  11. Het Nieuwsblad, 3 maart 2000
  12. Het Laatste Nieuws, 17 februari 1999
  13. Gazet van Antwerpen, 9 maart 2000
Community content is available under CC-BY-SA unless otherwise noted.